Categorie: erger

berichten zonder categorie of over gematerialiseerde ellende of over literatuur of erger

Stelling

opinie geuit in de sociale media over de subsidiecriteria gehanteerd door het VFL inzake auteurslezingen:

“voor mij heeft het minder met de centen te maken dan met het principe: men subsidieert op basis van achterhaalde criteria en miskent daardoor niet alleen auteurs die minder mainstream werken zoals visuele dichters, maar men miskent ook gans de realiteit van het schrijven en belemmert daardoor eerder een gezonde doorgroei van de letteren in een gans andere, totaal omwentelde schrijfomgeving. Uit angst voor de instorting van een oude orde die al decennia niet meer bestaat, belet men de ontwikkeling van de nieuwe mogelijkheden. Als je zoiets doet met middelen van de belastingbetaler dan ben je of je dat nu beseft of niet, want dat voordeel van de twijfel gun ik hen van harte, bezig met volksbedrog in functie van geheel contingente financiële belangen en niet met het bevorderen van de Letteren.”

Nocturne

Nocturne

Gott meint es gut mit jedermann,
Auch in den allergrössten Nöten.
Verbirget er gleich sein Liebe,
So denkt sein Herz doch heimlich dran.

Cantate BWV 188

 

sluierwege slaapt
haar blikken sneeuw
tikt het ik in binnenik
oogst of oogt noch oorlog
heur stiekeme geeuw

hoe weet de oehoe
hier de leeuwen
van mijn misverstand
ik ben er wel maar niet
van alle eeuwen

eens per hartslag
zal ik waken
dertien omloops lang
uw ziel en heil
zal ik drama slaken

van de verre lila kim
steek ik over naakt
hopend op uw telescoop
zoek hand in hand
de ster die immer waakt

neem mij dus louter ‘s nachts
ik ben in lood gehuld
indigo licht ik op
wanneer uw vingerspreeuw
mijn liefste zucht vervult

 

 

 

 

ill. Wiebe Bloemena, 1963, 2009

 

 

Xenakis en Ikea in één zin is leuk qua klank

Xenakis en Ikea in één zin is leuk qua klank

Waar zijn de schoonheden gebleven?
Is de revolutie al begonnen?

Vroeg een Russisch ogend meisje 
mij out of the blue toen ze uit de Mac Donalds
kwam met een zak frieten en
tegen mij aanbotste op de Coolsingel.

De wind waait dwars door mijn huis
Speelt met de scharnieren van mijn deuren
die knarsen en piepen vertraagd
samen een vertrouwd winterlied.

Eerst de wind dan de deuren. 
De kachel loeit en het dak kraakt.

Gister brak ik mijn koffiepot, 
ik moest er vannacht uit,
omdat het binnen begon te regenen,
maar kreeg vanmorgen de uitgewaaide geiser weer aan.

Reglement voor ‘t scheepsvolk

Reglement
voor ’t Scheepsvolk

 

ieder man een volk dat scheepgaat
laat zich voeden met ’nen zilten droom
weggaan & weerom weer weg no home
de buik niet scheurt & lopen laat
waar vrouwlief wacht & wacht
wacht tot de weerkomstnacht

in deze vademen verdrinkt geen vlag
geen vlinderslag zinkt zingend dingesdag
de haai gemist de boot verkist
het heerlijk sissend zeemansgraf

– voor wie aan armoe sterft
is dood te groot te sakkerlood

 

 

Zondags.
½ mutsje Genever aan ieder man

 

het tere licht gutst in de vingerhoed
koopt koper voor de mannenmoed
de muts de smokkelwaar
gemaakt van droom & adelaar
wie arend is & aarde omnivoor
kom om & om ivoor voor wederhoor

godlof om ’t schom’lend vocht
dat stilaan brandend alle zwansen
in den nijv’re blik doet dansen
om wat de zee vermocht – verzocht

 

 

Maandag.
Peper, Mostert, Boter, tot sous maaken

 

zo eenvouds stille ingrediënten
smaakt ruwe bolster zoet & goed
stokvis & emmers erwten venten
die topkok tovert uit zijn hoed

maar niet aleer de jaagster met het koele hart
zich groot maakt in ’t alom bespikkeld zwart
die ieder man graag vreezen doet
voor heur helse honden & de knoet

 

 

Dingsdag.
2 emmers Witte Boonen voor ieder 100 man

 

hier met die emmer! begot
wij zijn met vijftig & niet zot
de maankleur is ons lief
het is een dag voor domme dingen
om schootsruim uit te zingen
veel vrouwenvingers alsjeblief

het wit van bonen opgesmukt
voorzegt het muizig mutsjelief
’t is u gelukt & afgerukt
dat aanstonds spreken zal
& heerlyck opgeleukt mijn waterdief
mijn logboek siert & steekt van wal

 

 

Woensdag.
40 Pruimen of 20 Corenten ieder 100 man

 

bij elk paar pruimen wordt gesteld
dat één corent wordt neergeteld
op zee zal elke golf zich schamen
voor eigen schuim en amen

dit komt doordat de spoeling
eens zo dun is als verhoopt
& elke zuivere zilthapmossel
slechts waan is & gedroomd

’t is deez’ corente duivelsdag
dat alles zich verliefd verknoopt
& elke vale meisjesmossel
zich verpopt: als pruim zich toont

 

 

Donderdag.
Vleesch ieder man
om alle ongelukken van ’t koper voor te komen

 

centurion kom aan kom kees
vetmest de aarde in ons lijf
verwaan verwen verwees
totdat we hijgen bij het wijf

als venus bloeden moet & doet
& van de honderd nog slechts tachtig resten
wij slobb’ren strijd & bloed & goed
& naderen het wuivend westen

 

 

Vrijdag.
½ Spek voor ieder man

 

de bek staat open is gebroken
maar ’t zwyn zal ons doen koken
haar veile vet is onze kracht
haar lillend vlees zo rijk zo zacht

’t schuim schudt schalks haar lend’nen
& reken reken reken maar
dat we de steven zullen wenden
bij ’t glimmen van heur hoerenhaar

 

 

Saturdag.
tot Grobbezak, met Wyn, Zuiker, Tamarinde, na ’t behooren
½ mutsje Genever voor ieder man,
en het over gebleeven eten

 

& vrouwlief wacht
al tot de weerkomstnacht
wat over is dat is gebleven
rest slechts ’t zingend beven

van al wat zoet en zoutig is
langs venus’ vrome dreven
& goed & goud de nis
waarin ik kom tot leven

het mutsje spelt mij uit
wat wacht als haar & huid
ik doop mijn ruwe snuit
in ’t zachtzilte van de bruid

 

 ♣

 

 

I Corente 13:3

 

ill. Anon. VOC-schip De Noord Nieuwland, 1762

 

 

 

 

 

 

 

Alle paragnosten hebben een luisterend oor

 

 

In een veeleisende omgeving

genereert een patiënt gewoonlijk

een terabyte aan gegevens

 

voor diegene die het vergeten zijn

in ons gesprek

komt de informatie vanzelf

door middel van automatisch schrift

krijgt u altijd een eerlijk

en positief antwoord

 

de psychologische voor- en nadelen

van uw relatie tot de ander

belicht ik in detail

 

in een negen weken durende studie

die de koers van

uw leven zal veranderen

 

we kunnen als u dat wenst

ook een voorspellende legging

voor u doen

Schikt het u?

 

Schikt het u?

    – de Moiren spreken

 

Clotho:

Ik weet, u heeft nergens om gevraagd
maar aanvaard deez’ zilveren draad –
Uw heil en ongeluk hangen ervan af
u ziet mij niet, maar ’k weef uw straf.

 

Lachesis:

Dat denkt zij maar, daar aan ’t getouw
ík ben uw engel, blijf u eeuwig trouw –
Uw kameraad ben ik, bij elke dapp’re stap
nee lach maar niet, ’k ben verre van een grap.

 

Atropos:

Ik ken die grootspraak: cynisch, valse hoop
eeuwig? waanzin. ik ben uw laatste knoop –
Uw grootst geschenk ben ik, uw snelle mes
u bent geweven, ik haal het uit – dé levensles.

 

     ~

 

 

 

 

ill. titelpagina Lucas Cranach der Ältere, Das Parisurteil (detail) 1530

ill. hieronder Salvador Dalí, El Mundo, 1984

 

 

Salvador Dalí, El Mundo, 1984

 

 

 

 

je brein wordt sterker wanneer je hem aandacht geeft

je brein wordt sterker wanneer je hem aandacht geeft

Omdat het zulk mooi weer was gister
en omdat ik eergister op de radio hoorde dat mensen
– ik reken mijzelf tot de mensen –
te weinig met natuur en de overgang van
jaargetijden ‘doen’ en zodoende losraken van
hun zoogdierzijn, ging ik uit fietsen op mijn Makita

Hoewel ik veel ernstige schilderblessures heb 
– mijn rechterknie protesteert al maanden –
– als  linkshandige schilder kniel je met je rechterbeen – 
– de rug is sowieso al sinds mensenheugenis kapot –

Zat ik met de kracht van enkel mijn linkerbeen
al snel in de maalstroom die me in 1 kwartier 
op 10.000 meter hoogte bracht 
en mij naar New York voerde
Dag dag, New York!

Ik zwaaide nog…

Daarna fietste ik weer naar huis

De geluiden van de tijd, de geuren en kleuren 
die je allemaal ruikt, hoort en ziet op zo’n uitje
nou, die radiodame had helemaal gelijk!

Eenmaal thuis was ik moe
ik moest eerst diep slapen
om daarna dingen te doen 
die een schilder nooit durfde

De pitch van Nimrod

De pitch van Nimrod

Deze gebruiksvriendelijke boekenkast
Met slechts één plank – mèt FSC keurmerk
Vormt een Ikealoze wand van liefde voor het boek.
Wildvreemde boeken leggen wij netjes in steenverband
Om met elkaar te vrijen opdat het woordsap tot u komt.

U wilt een boekenkast als een orgie, een citadel van taal?
Een die tot in de hemel reikt en in tongen spreekt?
W
ij leveren het totaalpakket van uw leven.
De kast der kasten is een grote Babylonische spraakverwarring!
De Nimrod is als een Zauberberg van het lezen,
Geheel op de hoogte van al uw genoten denken.

Een woordkraantje bestelt u voor 299 euro
Zinnenkranen kosten 599 euro
Bijzinnenkranen  al vanaf 690 euro
Wij bieden u  speciaal eenmalig ons luxe totaalpakket!
Alle kranen inclusief gratis installatie door onze vakman.
Voor slechts 999 euro heeft u morgen alles in huis!

Enkele bedenkingen, duaal, desnoods

Enkele bedenkingen, duaal, desnoods

 

            I

 

kunt u zo gereformeerd mogelijk door die klei lopen?
langzaam vaar ik op haar toe, ik kus de zeep bezopen.
haar tong elektrocuteert beide dijen mijn, ik hoor haar hijgen.
mensen die lelijke muziek maken moeten de doodstraf krijgen.

met zo’n vervaarlijk vrouw mag je je gelukkig prijzen.
tenzij je doodgaat natuurlijk, zonder af te grijzen.
schik een beetje op, meneer, laat me mijn droom begaan.
je beeft, want als de sterfte leeft, heb je er niets meer aan.

doorroeien, matroos, hier is het zeil, uw geil is veil.
gereformeerd? moi? & klei? waarin huist uw ijlend dweil?
een oeverloze levensvraag. als isis zoekend langs de nijl.

zo ben ik dan ook weer wel, gij onbesuisde blaag.
nu in de aanbieding: de exclusieve bottenzaag.
ei, ei & ei, de queeste is onbarmhartig vaag.

 

 

            II

 

hier is mijn touw, uw zweep, o lieve leep.
’t is gauw gedaan, met tape & sunlight zeep.
gereformeerd of niet, immer een reet in ’t verschiet.
lik mijn hooggesloten schoen, toon fatsoen of niet.

uw sluier maakt u geil, & tot mijn plezier, bezit.
ocherreme, schriel balkenbrij, laat zien uw slappe lid!
en als ik uw fier fameus flamoes eens likken zou?
geen corset zo nauw, of ’k sla uw billen blauw.

u maakt mij bang, is al wat ik vandaag verlang.
daar verderop, uw borsten groot & bloot.
waag ’t niet, gij worm, of proef mijn balzaagzang.

ik handel naar wat ik zie, u bent zo goed als dood.
waterpomp & tang, verboden zuignap, slecht behang.
koop ons waspoeder, slik ossengal, bederf als schroot.

 

 

            III

 

uw ogen zijn als dadels, gevoed met droesemgif.
zeg nog eens zo ah, uw lippen zo vaneen, zo grif.
lui als de leliën des velds, uw halfslachtig opperdoes.
eens als de bazuinen klinken, sla ik u tot vogelmoes.

er was een paap, een pruimensnoeier, een waar priaap.
het kerstnummer staat ruk overeind in vleesloos gaap.
och dat gij mijn broertje waart, ik sloeg u lam & lens.
nee, dan het steig’rend paard, dat zet mij in de hens.

o mens, beween mijn zonden groot, & zing voor mij.
melk, goed voor elk, liegt van liefde, dwaze sjankerzot.
bijt, sla, trap, vernietig mij & snik me bach zo blij.

dan sterf langszij & verzucht nog eens er is geen god.
allerhande troetel mij, meng pijn & smaal daarbij.
ik ril en zie niets meer – is genot triomf, triomf genot?

 

                        ~

 

 

 

 

 

 

 

Frederick Carl Frieseke, Nude in Dappled Sunlight, 1915

De leefclub

De leefclub

 

I

 

Want ja, wij willen maar wat graag zijn
de machtige magiër, die met zijn megalomane manieren
de meervoudige merites van dit ondermaanse manipuleert,
of de wijze, want wijs lijkt zij, vrouw die in de speciaal
voor haar opgerichte tent de haar toegewezen bezwarende
boekrol beduimelt die zo te zien haar erfgoed is – de enige hier
die terecht een sluier draagt, van huis uit.

En neem de van godweetwat bezwangerde Venus, die uit het water
oprijst, of erop troont, als was het haar terrein: de kracht die
in haar arrogantie huist beweert bergen tot bewegen te bewegen,
mannen tot minnen te manen.
Ook haar eega verschuilt zich niet – stoer en stompzinnig zit hij
neergezegen, heeft zich verkleefd met de stabiele zerk
van zijn materieel vermogen. Natuurlijk ziet hij de dood niet,
die hem vanavond halen gaat in Ispahaan.

En dan is er de geleerde, de goeroe die zijn bijoogmerk verbergt
achter zijn baard of zijn betweterig tonsuur – hij heeft, beweert hij,
onmisbare info, van hogerhand. Dus huiver en luister – er zit
niets anders op.
Voor wie niet kiezen kan, hebben we hier de dwingende tweesprong
van Amor geïnstalleerd, zo u wilt met pijlenregen. Daar
komen lastige kinderen van.

En het allerstoerst is natuurlijk onze huis-tuin-en-keuken-Hell’s-Angel,
zwaar gemotoriseerd en bedreven in het snode plan. Knipoog
naar Apollo. Niet dat hij ver komt – te veel spaken steken er
uit zijn dwarse, steenzware, zo niet leilompe wielen. Hij
roept maar wat, de modebewuste new-age-yup.

Waar blijft Salomo, vragen we ons af. Iemand moet hier toch wijzen
op het moederschap? Ah, hij heeft zich vermomd als een zij. En om haar
overijverig steven te staven, toon zij ons haar mooiste keukengerei.
Wég van hier. Op naar andere, dieper gelegen regionen! Geheel
abusievelijk heeft onze blinde vriend zijn potsierlijke zandloper
verruild voor een wat onstandvastige en sowieso hier en voor hem
onnutte kaarsvlam – die telkens uitwaait – want tochten dat het hier kan!

Enfin, op deze noordelijke bergrug – onvindbaar op de kaart – heeft
Moedertjelief haar toestel geïnstalleerd – een wankel en onmooglijk
staketsel dat volgens haar, en haar drie onafscheidelijke speeltjes, ge-
groepeerd rond de wat uit het lood staande spil, een geolied perpetuum
mobile moet voorstellen. Stel je voor!

En bij deze club, dit stelletje ongeregeld willen we horen! Het
inschrijfgeld, zo vernam ik uit bedenkelijke bron, komt geheel
ten goede aan de eerste de beste flapdrol die het geheel,
de zin, de toedracht weet te doorgronden.
Mooi meegenomen.

 

II

 

Hoe anders ligt ’t bij de rest! Die motorpipo van zonet heeft z’n wrakhout
verpatst, en gaat nu gewapend met honkbalknuppel de arena in. Daar
zal hij de toegestroomde goegemeente verbijsteren met zijn dressuur-
en slagerskunst. Hic sunt leones.
Het loopt niet goed af – dit wordt een lynchpartij van het zuiverste
water – vreemde vruchten dragen de bomen hier!

Maar we zien hoe ’t komt: die ene lange met z’n zeis is debet aan de
nu glashelder aan het licht gekomen alomtegenwoordige en niemand
ontziende maatregel. Deze douanepost kom je niet levend en schoppend
voorbij. Even goede vrienden.

En zo zit het dus met de meeste anderen, of ze nu wat onnozel
staan te emmeren met hun vleugels van was en een blik van
kijk mij nou de feestartikelenwinkelier uithangen, of dat ze
de algehele wanhoop nabij uit de rokende architectuur van de
megalomane skyline springen, vliegen, zich laten vallen, dwarrelen,
iets is er, iets zijn ze vergeten – de bokkepotige jandoedel die
ze grinnikend zijn welgemeende mores leert. En waar
kennen we die vrucht van, daar in zijn obsceen glimmende
schoot?

Maar er is licht.

Onze bakvis heeft hiervan iets opgestoken – en dat is ha niet
heur haar – als een volleerde volbloed centerfold
poseert jarig jetje bij het staande water. De goegemeente bloost,
daar zij haar water loost. En dat is de schuld
van die ster! (Die krijgt nu eenmaal altijd de schuld.)

Nu ook de andere hemellichamen er zich mee lijken te gaan
bemoeien, schiet de fabuleuze kakofonie van de fauna door de ether.
Links het wild, rechts het gedomesticeerde stemgeluid van wie beter
ruiken, jagen kan dan zien. De grijnslach van de echo heeft dorst.
En bloedrood is het hier.

De muur, speciaal opgericht voor het onnozele danspaar dat
ongenodigd voor de nodige stemmingmakerij moet zorgen, is er
om omheen te gaan, om de zon te ondergaan en te zien ondergaan,
dat is buiten kijf. Daarbij zingen de doden dan zwijgend hun volkslied,
De grap van God.

Nee, echt grappig is het in het ondermaanse pas als de flierefluiter,
de paljas, de pruimensnoeier, de bacchant, de lelie van het vrije veld,
de natuurwetten tart en een staaltje levensgevaarlijk bungeejumpen
in petto heeft voor wie hem een cent geeft. Aan de rand van de af-
grond, daar is het goed toeven.

Hoe anders in het starre wereldbeeld van het kompas, de radar die
de raderen in het oog houdt, stuurwiel van het heelal
– is dat hetzelfde als het universum? – misschien zelfs wel het Al.
Waar typjes als Kali, Maya, Sofie, of hoe haar wellustig ouderpaar
’t gedrocht ook genaamd heeft, Inanna,  Lilith, met haar slangen speelt.
Eurynome. Hier staan zelfs de wielen stil,
ook al zijn ze met z’n vieren. Want er is niks te vieren.
De wacht is op de vroedvrouw van het woord.

En dat er iets te vallen valt.

 

 

 

 

 

ill. Salvador Dalí, Templanza, 1984

 

 

 

 

 

twee meeuwen

Twee meeuwen

Boven de Maas op de noordkop van de Maastunnel
Vliegen twee jonge meeuwen in de storm
De wolken zijn 
leeggezogen de lucht kristalhelder
Blauw en s
tervenskoud tinkelt mijn oor

Ademloos volg ik hun luchtballet in de oostenwind
ersnellend in de maalstroom boven de rivier  
Om te keren waar de stad eindigt en het water zich verbreedt
Zij spelen een spel met de wind mijn kind
Het zijn broers denk ik, of broer en zus misschien

De hardheid van het stuitende zonlicht op het water

Het voortjakkerend winterblauw doet me tranen
Terwijl ik de twee meeuwen probeer te volgen.

Keer op keer pakken ze tegelijk de wind vol en sjezen
In volle vaart terug om weer tegen de wind op te gaan
Ze krijsen als kinderen  blij die van hun glijbaan roetsjen
Hoge vliegkunst in een alsmaar aanwakkerende storm.

Zijn er slecht vliegende meeuwen, vraag ik mijn vrouw?
De één is beter dan de ander zegt ze
Maar meeuwen vliegen allemaal heel goed.

Als wanneer wie ooit

 

En als

de verschrikking God verlaat en hij zich alleengelaten
in de handen wrijft, zijn zelfverklaarde eenzaamheid
overziet als een afgebrand bos waar gisteren nog de
vossen slag voerden met de eieren van godweetwelke
amfibie, leggen overal op aarde vrouwen hun sluiers af
en mengen zich onder de beverige mannen van het
publiek terrein, terwijl de loper uitgelegd wordt voor
hun onthulde schoonheid, die zo oud is dat zelfs God
het zich niet heugen kan. Ze zijn vormvast en ontfermen
zich over de paar vossen die nog over zijn. Pas dan
zullen zij zich met hun mannen bemoeien. En ontstaat er

 

een heel ander weertype.
Pas dan.

 

Of wanneer

de piepende rollator van de gepensioneerde beul
vastloopt in het ijverige zand en de goede man zijn
laatste kaarten uitspeelt en inlevert, weet de moedwillig
blinde grootmoeder van het recht het licht op waarde
te schatten en stapt samen met het verwende zoontje
van haar bastaard van de schaars begroeide rotsen. In
haar verdorde hand wordt evenwel een brief aangetroffen
die boekdelen spreekt over haar merkwaardige voorliefde
voor maanlicht

 

en alles
wat staat of valt.

 

Maar wie

zich hult in ja en nee bedoelt zal de hand aan zichzelf slaan
bij wijze van straf en in hoger beroep veroordeeld worden
het heelal te overleven. Geeft niets, heeft niets. Als maar tijdens
het luchten de stilte stem geeft aan de donkere maar rijk
belauwerde spiegel van de liefde die tot aan het einde wordt
verstrekt. Het is zonneklaar: ze heeft alles in huis. En

 

de wind
werpt het laatste woord.

 

 

 

 

ill. Egon Schiele, Herbst Baum gerührt Luft, 1912

 

 

Abusievelijk Abc

 

Abusievelijk Abc

 

Alle geile zalmen zwemmen naar zee
dansende darren opwaarts de stroom
sip als een boemerang niemand zegt nee
            de wetsteen is wet waar zonder schroom
            boekdelen lallen van bronst onverlet
            in de alom tierende vroomzieke droom

 

Braak liggen de gronden voor wie kust
van de dageraad de aars met z’n baard
ah zie de moede koe hoe zij troostrijk rust
            haar kop op de kont van haar zus
            & langs alle waarden naar hun aard
            het schaap haar eigen schaduw baart


Chef-kok baldr aanhoort zijn gerecht
alles van aarde liegt & ijlt het is
wat men dregt & wat u zegt net echt
            vrijmoedig u leest hier op de plee
            de aan hitler toegeschreven goudvis
            eerlijk erfgoed – t zit m niet mee

*

Zo speelt in haar zelfvoldane spelonk
de nijvere arbitrix
met haar goddelijke vonk

 

 

Marsman

Denkend aan Holland

zie ik vele kleuren

traag door oneindig

Nederland gaan,

rijen mensen ondenkbaar dik

roeien met de riemen

alsof hun leven er van afhangt

Zij voeren ijle populieren ten toneel

als hoge pluimen op hun hoge hoed om

aan het einde tegenover elkaar te staan

en in die geweldige

ruimte verzonken zien ze

de mega-boerderijen

verspreid door het land,

geknotte boomgroepen en dorpen,

torenflats, wolkenkrabbers in steden

kerken die staan te vermolmen

Dat alles in een groots verband.

het licht hangt er altijd laag

en de zon wordt er langzaam

in grijze veelkleurige

dampen gesmoord,

en in alle gewesten

– van gewest tot gewest –

wordt de stem van het woord

met zijn eeuwige rampen

gevreesd en gehoord.

Wat doet een schilder op een regenachtige zondag

Wat doet een schilder op een regenachtige zondag terwijl Berio op repeat door het huis schalt: in een half uur met groot plezier en zekerheid 7 schilderijen vermoorden. Zonder moord geen leven, zonder fouten niets nieuws; met dikke verf ongericht contrastwerking ophogen, bezadigde frivoliteiten uitbenen op zoek naar bot, geen vorm of kleur mag zichzelf blijven, ze moeten veroverd worden. We moeten hard zijn voor de vormen en kleuren.
Zelfs naamgeving van de dingen ondermijnt de essentie van het bestaan volgens Wessel te Gussinklo – ik hoorde hem vanmorgen op de tv naar aanleiding van zijn boek ‘zeer helder licht’ Ik las ooit een ‘verschrikkelijk’ boek van hem, maar deze moet ik weer lezen. Wat een man!
Die kleuren en vormen willen van alles zijn maar ik sta ze dat niet toe. Ik haal ze links en rechts in op zoek naar het daar en hier dat zich in het niets ophoudt. Alle betekenissen moeten bevraagd en uitgehold worden; zachtheid moet hardheid, warm moet koud. Genadeloos licht zoek ik, ijslicht in de ene en denklicht in de ander of andersom. We zijn op godsdag goed bezig maar onverbiddelijk, ja! Ik heb enkel middeleeuwse schilderijen in mijn hoofd met wat moderne spoken: Berio is hun spreekmeester vandaag: hij draagt mij op: ‘geen halfwassen esthetisch gekukel, ezel, zoek de finesse aan de randen van je domme weten; daarvan heb ik een voorraadje voor je klaarliggen. ‘Zoek het in de overdaad van niet weten.’

Ergo

Ergo

 

En de maan van was wast of geen duister was
haar aanschijn wars beplast alras het luisterglas
kil verstilt het witte wif & alle dimster sterft en masse
zi dommelt schrilings in heur sas op ’t sterrenras

Rechtstandig vlaagt & vraagt & vaagt de hemelzoon
de heuvels om de doem van dal & al verschoond van schroom
sterker dan de zon, de zee, het brullen van de modderstroom
regen wast de wond’re wijze wei-de we-rèld rein & schoon

Ga dan, wees & rijs, reiziger in lingerie zo zij & zacht
zoek de verschillen, het kruipbehang, de korenwan
eens in de optelsom van haat & smaad raak ik uw vacht

O dank, ik denk, vandaar mijn lief ik ben & ban
de lustloos bange pen die dag pent waar de nacht
herwint haar roep & licht & overmacht o daar niet van

 

 

 

 

Pro-cd

daar staat wat wens en waar
is menselijk beschreven

Lucebert, Ballade van de goede gang

 

Pro-cd

wij veranderden schaterlach in klaterlach
spraken van het dagerood & liefdesbloot
dat van jezus was rotfruit dampend schroot
te zwaard te wreed wat de god ervoor gaf

wij lachten om jezus & jezus lachte om ons
narren waren we lammeren des doods
al het bête blaten onnoemelijk groots
d’almachtige gaf ons omstandig de bons

haha maak mij de pis niet lauw
keer de buik met lachgas & gezag
hoho galmt de dweil langs steigerbouw
jeukt het je boven de ogen, als dat mag?

hihi hikt de knikkerroffel van de specht
een warrig godsoordeel maar dan net echt

 

met dank aan Engred Kremer voor de pis & de jeuk
en Maaike Molhuysen voor de knikkerroffel (op marmer)

ill. Clovis Trouille, L’irrévérence

Knock-knock-knockin’ on heaven’s door

 

 

Hebt gij ooit in uw leven de morgen ontboden,
de dageraad zijn plaats aangewezen?

Job 38:12

Mama take this badge from me
I can’t use it anymore
It’s getting dark, too dark to see
Feels like I’m knockin’ on heaven’s door

Bob Dylan


Het antropocentrisme, nieuw of niet, is een perspectief van zelfoverschatting, hoogmoed,
zo je wilt – precies het tegenovergestelde, het besef dat we als mens een rol spelen binnen
het decor van onnoemelijk veel grotere en complexere krachten, en zelf een natuurverschijnsel
zijn onder de natuurverschijnselen, inclusief onze menselijke cultuur en voortbrengselen,
zou een zinnige bijdrage kunnen zijn aan de waargenomen veranderingen, waarvan we
onmogelijk het hele spectrum kunnen overzien. De mens is net zo goed speelbal als speler
binnen het chtonisch decorum, en zowel verantwoordelijk voor als slachtoffer van de
instandhouding van de dampkring – daarin verschilt hij bijvoorbeeld niet van het insect
of de bacterie.

De zelfoverschatting zorgt voor stagnatie en niet voor ontwikkeling.1)

Het is natuurlijk mooi dat de mens zich zorgen maakt over zijn leefmilieu, gezien door
menselijke bril, en tracht ontwikkelingen te beheersen of zelfs tegen te gaan, maar hij is
vooralsnog nauwelijks in staat te denken of handelen buiten zijn culturele actieradius
of drang tot zelfbehoud. ‘Ons’ grootste probleem is de overbevolking van de soort, en de
desastreuze monocultuur. De aarde en de dampkring overleven dat wel, ze hebben voor
hetere vuren gestaan. Het is allemaal een kwestie van perspectief (en, helaas, ook van
politiek en onderlinge strijd).

 

 


1) Friedrich Nietzsche, Die fröhliche Wissenschaft, 1882

ill. William Blake, Jerusalem (detail)

Zwart ik en lieflijk

Hooglied 6:13

 

Keer om, keer om, keer om
mijn lief op uwen schapenvacht
zo maakt u onze nachten zacht
& deze levensliefde louter pracht

Keer om, keer om, keer om
verwentel uw ontroerend lijf
dat smeekt & smeekt, ach blijf
– verlief me, maak me stijf

Ach mag de maan – zij lacht –
omarmen uw zoet zielsverblijf
laat me genieten van uw nacht
tot ik bezwijm bij het geschrijf,
     zo rijm op uwen wond’re smacht
     & almaar wat ik ben bij u bedrijf

 

             ~

 

 

 

 

ill. Emil Nolde
titel Hooglied 1:5

 

nostalvember

In het kader van nostalvember, een pleebeïsch initiatief dat ik op mijn persoonlijke site heb uitgevonden, vraag ik graag uw aandacht voor de volgende gedateerde verzen:

dementie (voor Neeltje M Min)

stort het in in me
dan wil ik dat graag weten
en erbij zijn als het kan
mijn eigen naam wil ik blijven heten
ookal weet ik er zelf niets meer van

 

uitvindingen die deze eeuw nog worden vervangen door betere:

de keramieken poepstoel
de orale schuimpasta
de koolstofmotor
de blikken donderkar
de papieren waardevelletjes
de papieren hygiënevelletjes
de zoemende luchtbevriezers
de zalvende hypocrieten
de diersnijdersfabrieken
de platte breinverdoezelaars

 

de stad ontevreden I

Aan de rand zie je kreupelen en melaatsen
die daar vergroeid zijn met de stenen
ze grijpen naar alles, pas op voor je benen
hun kermen hoor je tegen de gevels weerkaatsen

Gifgroen fruit staat in nette rijen opgesteld
telefoons, broeken, parfum, pruiken
die dingen liggen daar om te gebruiken
ze worden verkocht voor wat doet leven: geld

Straks keren de mensen weer terug in hun holen
daar gaan ze gezellig al hun rijkdommen delen
met hun levende geliefden, of hun dode idolen

Maar hier, in het helle openbaar verscholen
heerst de wet van jij kan mij niet schelen
de stad is een vergissing van symbolen

Hello? hello? Is it me you’re looking for?

ogen zijn nu eenmaal zwakzinnige dieren
en oren dromen van boten in de wilde vaart
monden praten over rivieren in moderne deltataal
hersens kissebissen over historische gletschers 
lichamen spoelen gelijktijdig aan in ons avondland

alle oorschelpen zijn nu zwart 
het helgeel is op en van zinkwit is nog een beetje
dit is een bericht uit de praktijk van de schilder
dit is een vluchtgedicht dat kenbaar maakt
wat hier aan de hand is en nee, geen plaatjes

ogen verblinden zichzelf vanzelfsprekend
dat hoeft geen patjepeeër of oelewapper uit te leggen
ruk op met die vreselijke schijn 
excuus, ik draaf door en zal het netter zeggen:

ogen schuilen achter eigen spierballen
dat is altijd zo geweest en nu niet anders 
want harsens zijn een vertier van domheid
kiezen roesten in een tandeloze tijd zwart amalgaam

haar wakkert in oude wind ooit verwaaid uit Vlaardingen
tanden shinen blinkie blinkie het gebeente van de wereld toe
het harnas van de organen staat wijd open en
omdat het kan vreet iedereen zich ongans aan de ziel

Hello? Hello? Is it me you’re looking for?
de horizon kruipt traag van links naar rechts 
slurpt alle lucht weg, Daniels is in the air
zingende vlinders fladderen hoog weg in ijle ruimtes

Assepoel

 

Assepoel

 

Bij bosjes, jonger dan ik,
sterven ze, de vrouwen,
de mannen. De trein vertrekt,
de kaartjes zijn gecheckt –
nakijken is een opgedrongen
hobby, het houdt je jong van tong.

Ik bloei als een inktblauwe roos
op het blad van de leizwarte doos.
Zing van het mooiste wat windstil
mij overkwam. En stil ik ril.
Vrachtwagens razen langszij,
sirenes roepen, niet naar mij.

In haar blozende lievelingsseizoen
– de maan zoekt dwaas haar kippen –
bezingt zij haar glimglazen schoen,
tref ik er prachtvolle, lustdolle lippen.

Zo jong als mezelf bestijg
ik de spreekstoel, het bed,
en zwijg als mezelf, ouder,
van bosjes liefde besmet.

 

               ~

 

ill. naar Walt Disney

Substantie

ik ben een middeleeuwer
geef mij substantie
ik wil substantie

geen hostie
en geen godsbewijs

ik ben de straathond
die scharrelt rond jouw huis
op zoek naar mijn substantie

doe je garagedeur op slot
want jouw nieuwe

BMW M6 G-Power Hurricane CS

die heeft substantie
en een dubbele uitlaat

Futurisme komt altijd een eeuw te laat!

Futurisme een eeuw later!

Wanneer Hij komt weet niemand maar dat Hij komt is zeker!
DE TOEKOMST
De Grote Omwenteling!
Een Grote Stroomversnelling!
Komt Het Grote Omslagpunt!

Alle kennis zal zich eerst verenigen in robotica.
Een wetenschappelijke samenwerking op ongekende schaal.

Er zal eerst veel kapot worden gemaakt.
Er zullen grote uitvindingen gedaan worden.
Een nieuw dodelijk wapen dat de atoomboom doet  bibberen.
DNA-teleportatie, kwantum medicatie, tijdreizen!
We vinden een nieuwe herwinbare energiebron.
Leren zwaartekracht beheersen.
Geloof zal verdwijnen, óf verboden óf afgeschaft.
Want wetenschappelijk bewezen te gevaarlijk.
We verlaten voor het eerst de aarde.
Om elders in het heelal de boel te verstieren.

Wij zijn de laatsten die het einde van deze eeuw niet zullen meemaken.
Op de middelbare school wisten we al dat Bohr gelijk had.
Als god  dobbelt vallen gelovigen vanzelf van hun kerfstok.
De hel zal op aarde na onze dood hemels worden.

Dèr Mouw Convent (press release)

  Dèr Mouw Convent
opens with multilingual
 open source exposition

                         ~

First visitors arrive in the entrance hall, which functions as the start of the exhibition.

“There are only visitors”
De Selby

 

Works are shown by various artists, amongst whom A. Andreas, Angela Denusa, Carol Novack, Jaan Patterson, Spencer Selby, Doemoedzi Soema, Charlotte Vekemans and Dirk Vekemans.

The entire “Bob Ross Conspiracy” by Otto Maanzaad is shown at the newly openend Garden Galleries.

Showpiece is a work by painter-poet Archimedes van Zandvoordt (see below), who will disclose some of the songs he found in the Tower, later in the evening, accompanying himself on the ancient ud. Backing vocals are performed by The Open Burka’s.

Discussion: Image Building and Plagiarisme; Freedom of Speech in the Visual Arts; Internet and Beyond.

Newly Wed: Poets reading poems just written ten minutes ago. Just for fun.

Doemoedzi Doema will recite some ancient Mesopotamian myths.

Special guests and suprise acts.

Demonstration by the KL Fire Brigade in collaboration with the Alchemical Artists Allies (AAA).

& much, much more…

Entrance free.
Children welcome.
Smoking areas in every space.

Location:
Dèr Mouw Convent, Kessel-Lo
(dry area near the station, clear signs from there)

No parking lot.
Runway available.
Private protection.

Exact date is a secret (as are most dates and grapes).

RSVP RSVP RSVP RSVP RSVP

 

Showpiece: A. van Zandvoordt, Dawn of International Voices Encouraging Poets from across the Globe (2008)
main ill. Kessel-Lo skyline, with the Dèr Mouw Convent premises in the upper right corner
ill. Kessel-Lo Venus
ill. pronkstuk in the entrance hall, Blake’s Garlands

 

krochtzog / korstmos / koortsvos

            krochtzog

 

in de brij van jij open t ei
meur van alle goor gemaar
sluip in de gotspe van je daar
spui & spocht t slurpend vocht

door sloppen dol & dool vuilblij
plooi je tochtig gulle smuller saar
verhemeld bruut ik daarnaar staar
snaar die zuchtig leeft & beeft & lilt

& och besmeek waarvoor je vocht
geil op de take waarop je ijvrig gilt
de nacht: het smacht het kracht het trilt

wie sterft staat lachend op de tocht
één deur die ongeopend je verzocht

(doch vredig weidt het vee van vilt)

 

 

            korstmos

 

n traan n mol n blind orgaan
baant zich n weg zo zelfvoldaan
. . .
stil is t hier binnen t dier

wrijft zich de toges smurrievrij
klokken spelen klare kantorij
. . .
wild is t hier binnen t dier

welaan verorb de kluit
bezing de bruid uw buit
zilt smaakt r binnendier

van linnen zout is t wier
de smaak is raak & recht vooruit
mild maakt t minplezier

 

 

            koortsvos

 

samenvatting godsgeschenk
sprak zij en riep goden aan
omarm het rijm lief komaan
vrees alle vrucht verdenk

me niet t staat & klopt
laat uw wreedheid in me gaan
uw wellust tot t is gedaan
spoor aan tot u t in me schopt —


…de dag breekt aan wrijft
ogen uit nog wat verstijfd
de schuwe schouder van de nacht

uit dromen ver zo sterflijk zacht
klinkt op haar sterrenstemmenpracht

‘Was jij dat, die voor altijd in me blijft?’

 

 

 

in: Poëzie is geen oase… Stichting Spleen Amsterdam 2018
ill. Pablo Picasso

 

Tripolaire evening

Tripolaire evening

Vandaag kreeg ik het woord evening voor ogen en struikelde.
Benoemde wederom met terugwerkende kracht 
het huiveringwekkend zwart van het heelal 
achter het hemelblauw dat Van Gogh zag in Arles,
(eenmaal gezien kan de geest niet meer ontsnappen aan angst!)
verklaarde dat absint een plantje is
dat op mijn dak staat te woekeren
en mensen gek maakte in de 19 de eeuw.
Het verboden kruid dat groeit als onkruid ligt onvermoed
bij mijn Marokkaanse slager in de winter als winterthee.
Zo komt onbekommerd het achtergebleven alsem van Franse kolonisatie
uitgezaaid in het zand van het verlaten strijdperk
via taalomwegen mijn keuken binnen zonder dat
iemand weet wat absint precies met van Gogh deed,
iemand werkelijk het zwart ziet achter het hemelblauw,
iemand de herkomst kent van het Marokkaans bittere kruid.

Helegaar Hildegard

feilloos bereikt de laurier de crux van de paspop
zie zij breekt waar het telt zo onbekend met zweet
slechts in het heelal ontbreekt de krakende parakleet
& doorsteekt de vindingrijke vinger van de algod
uw tot ieders vreugd openglijdende spleet

dus kop op verdoofde zichtberoofde bloedprop
hier en immer elders wordt doorgroefd uw leed
waar maar de stamcel van uw liefde schreed
sterrenstelselmatig niet dan een vinger snot
gestoken in uw angelminnen beet

 

 

 

 

 

illustraties: Hildegard von Bingen

 

 

 

Elementaire breuken

Elementaire breuken

*

de ene helft van het meisje
dommelt nog droog in ongenaakbaar gesteente
op zoek naar een ploegschaar een vuistbijl een kris
voor haar ruwhouten oven en oeps
want het blikkert tussen krassende kiezels
en bijna bereikt zij de bron

*

haar man want dat moest
sluimert in bij de hetere haard van zijn zwoegkunst
het braden hem brandt en het vlees nu herkiesbaar
straks zadelt hij haar vuurstenen schoot op met schroot
tot het kroost zich verzamelt rond de vuurpan ’hé ouwe!’
en hij verhaalt van de zon

*

de andere helft is zojuist zich aan ’t schrobben
en laaft zich al plassend aan maandag
het dobbert en droesemt en doet maar
in de zoutoogst het nu glanzende haar
als die vochtvent nu weerkeert van vechten
bespreekt zij gorgelend haar aanstaande rechten

*

ijl is z’n adem z’n hoofd hier hoog
in de verzuiverde luchten
en ineens valt hem iets in een ietsisme
de berg is onlogisch de vogel
maar meest niet te vatten is de mensmooie zwerver
zij kon hem niet volgen


moraal

wie op de seizoenen let
heeft meer aan een slet
dan aan een stom gebed
en kent de maan van a tot z

 

 

 

ill.: schilderij

 

Zwijndrecht

Zwijndrecht

Wij zijn op zoek naar mensen
Die mee willen helpen
Met een Halloween optocht 
In Zwijndrecht noord
Wij zoeken vrijwilligers die
Verkleed in de wijk willen staan
Die groepjes willen laten schrikken
Of begeleiders van groepjes willen zijn
Ook zijn wij op zoek naar verkleedkleding
Voor Halloween
Heb jij wat te leen voor ons?
Of willen jullie mee helpen?

Ilja & Cees, Zwijndrecht

advertentie

Portrait of the Artist as a Woman (dv’s previous reincarnation as J.D., a Parisian prostitute)
4 . CIEL BROUILLE & THE MERMAID




⇒  leden. Van elkeen der stervenden afzonderlijk hoor ik
    de stem in het kraaien dat een krijsen is, dag na dag,
    van de haan daarbuiten. Met zovelen zijn ze en toch
    is elkeen te onderscheiden. “Ik zie de mensen, zij lopen 

    als bomen”. De zaal zit vol. Jouw hand drukt op mijn vingers
    die jou binnendringen, onder je rok van zijde. Een pauw
    is er ook, ginds in de verte. Je test met je tong hoe stevig
    je verhemelte nog is, je andere hand nijpt en ik wrijf. Wrijf.

    Alleen ik zie hoe de tijd scheurt en breekt in jouw blik.
    Onbeperkte toegang tot al onze botrooms voor premium      ⇒

 

 

LEEST ALLEN STRAKS  het langverwachte deel  4 . CIEL BROUILLE & THE MERMAID van het in 1996 (!) gestarte programma ‘La Vie Sexuelle de Charles Baudelaire’ waarin stukjes tekst van het Baudelaire-corpus worden geënt aan nieuwe scheuten tekst om zo nieuwe monsterlijke hybriden te vormen, zgn. cirkelzangen, negenregelige meerstemmige verzen met veel seks en geweld die met lyrieke stem voorgelezen en herhaald dienen te worden tot in den Treure (een café bij Begijnendijk)  opdat de Vlaamsche priester-dichters hun koorknapen zouden ongeschonden laten (alle testen met infuzen van wormenkruid en rododendrontakkensap ten spijt is deez ‘t enige dat écht schijnt te helpen, eilaas).

In deel 3 van dat omstreden maar platgelezen werk (dat momenteel wordt hernomen via http://dirkvekemans.com in het Gedicht-van-de-Dag-programma) zagen we al dat de enten uit Les Fleurs du Mal eerst in de titel zelve gekruist werden met een boomgedicht van de relatief onbekende Zwitserse dichteres Anne Perrier. In dit deel gaat den Booischotse Barbaar nog een stap verder en wordt er lyriek van niemand minder dan William Butler Yeats versneden met de Charleske Verzen! De opgetrommelde geesten der Dooden Nederlandsche Literatooren sudderen en sidderen aan deze druk omkakte Literarische Pleestoel en de Hollands-vakkundige Beheersing en Matiging vliegt in spetterende bruine vlagen ter pot bij zulk een gewaagde Exemplarische Stoelgang van het gekende stuk Misbaar DV van en te NKdeE!!

 

Deelt u aub deze advertentie veelvuldig doorheen geheel de Republiek der Letteren, zorgt zeker dat alle 120 resterende leden het op hunne smartenfoon zouden kunnen ontvangen! De Nieuwe Teksten worden vanaf (effen tellen) donderdag 23/08/2018 te 02:03 GMT+2 dag na dag verschijnen, als Gedicht van de Dag nog wel, ook al een primeur, na 400 dagen eindelijk ‘s een nieuw nog geheel ongelezen gedicht vers van ‘t ankeveld, waar gaan we dat schrijven? op http://dirkvekemans.com, dus.

Gaat heen in lust en vrede, vraagt ewa subsidie aan  en vermenigvuldig u nog rap, nu het nog kan!

La Vie Sexuelle de Charles Baudelaire II,6

La froide majesté de la femme stérile

ex nihilo nil (de benen bengelen) nemo
creavit : net noch vijg noch vet noch vis
(binnensmonds gejubel registrerend soms
kantelt in het duister nog dit brandpunt)

(open diafragma, lichtval schaduwloos
op dit dat zich verheffen wil tot dat
en het wachten samenvat met einde
lichtval, diafragma sluiten, duisternis)

ofschoon niet echt berustend in verdoemenis

 


Het Gedicht van de Dag komt vandaag uit La Vie Sexuelle de Charles Baudelaire (1996 -2018) – alle teksten van dit programma

Over het ‘Gedicht van de Dag‘- programma

 

Sterren boven Rotterdam

 

Ik houd me verre van vallende sterren
Het is namelijk doodeng te denken over het wel en wee van het universum
Wie het zwart achter het blauw van van Gogh niet kent heeft niets gezien
Maar ik wel! sodemieter! ik wel!
Hieraan zou ik dan nog wat dichtregels kunnen plakken
Bijvoorbeeld hoe fijn het is dat mijn ‘Avondland’ is weergekeerd
Of dat Barcelona – Sevilla 4-2 staat en Barcelona 68% balbezit heeft
(eerst stond het nog 3-1, toen 4- 1)
Zo snel gaan zulke zaken heden ten dage!
Maar met sterren wil ik niets te maken hebben
Die zijn allemaal doodsangstjagend, doodsangstAANjagend
Dus donderdagnacht, 13 augustus 2015, ga ik echt nergens naar kijken
Wanneer tachtig tranen, allemaal zonen van Perseus
in meteorenzwerm ons firmament voorbij schieten kijk ik niet
Ik ben niet gek!
( het staat nu dus 4-3)
Ik bedoel maar
( 4-4)
Er valt geen pijl op te trekken
Iedereen moet doorvoetballen in Tblisi!

Voor mij is vrijheid geluk

 

Een soort van geschoren pixie-kapsel

ja, ik ben best wel paradoxaal

en dit is een van die paradoxen

 

ik ben van nature iemand

die erg houd van alles

wat niet goed voor je is

 

ik draag altijd Molecule 01

maar ik vind het best wel een ding

dat die steeds bekender wordt

 

hoewel ik sporten helemaal niet leuk vind

vind ik het Vodafone-gevoel erna wel fijn

je moet het gewoon doen

 

ik ken niemand die zich beter voelt over zichzelf

door een compliment

ik sluit niets uit in het leven

 

mensen reageren soms best geschokt

als ik zeg dat ik dertig ben

daar heb ik wel moeite mee

 

ik vind het helemaal niet normaal wat ik doe

echt niet

ik ben ook heel blij dat ik weet wat ik wil

 

het enige wat ik probeer te doen

is méér dingen doen

ik kan makkelijk loslaten

 

het is mijn vloek

en mijn zegen

dat ik geen back-upplan heb

 

 

Viola d’amore

Viola d’amore

 

o mijn pergola, hoorde je dat?
de aren strijken langs elkaar
en elke ruwe klank vergaat
vrijwillig in haar vijver waar

prinsessen twee emmertjes water
halen in het vliedgezang van bach
met vioolgesnater & springgeklater
van hun zilv’ren vissenlach

het bassen van de bedding mag
liever vier maal vier maal vier
uw verlieven aan de held’re dag
onderschrijven met zijn tranenwier

o mijn pergola, van tuiten zat
volg ik uw zuchten, ben uw hert
dat aan de oever zingen staat
bij uw zesde brandenburgconcert

 

 

 

ill. Gustav Klimt, Vissenbloed

 

 

 

https://www.youtube.com/watch?v=YZW791uMSAQ

 

 

 

 

 

 

 

 

De mystici

      DE MYSTICI

zij waren in staat alles terug te brengen tot een theelepeltje.
de essentie. nergens meer voor terugdeinzen. ik sprak drie
dagen niet, en winkelstraten werden per opbod verkocht.
langharige zwendelaars kwamen ten slotte zover dat ze niet
alleen zichzelf maar ook alle nabestaanden en nietbestaanden
wisten te bedriegen. belangrijker is, wat levert ’t op. dit is een
mooi boek, ik raad het iedereen aan. van jong tot oud zullen
we de zweetdroppels van het voorhoofd wissen. het is alsof
er niets gebeurt.

      voorts het over & weer aanmanen van licht. het wordt dubbel
gespiegeld in kleine glimmende zandhopen, her & der over de
vloer, die samen het portret van de desbetreffende moeder vormen.
vormen die, alhoewel niet algemeen geaccepteerd, toch wijd verbreid
zijn. al het aanwezige licht stroomt van & naar het ene raam.

      boven ontspoorde het op mystieke wijze.
      lichtbundels van allerlei aard.
      een rare oude man.
      ze trachtten een beproefde formule om te buigen.
      dit werd nix.
      ik sta erop dat “alles” “iets” betekent.

*

 

 

ill. Philco Predicta