Categorieën
PLEEBEER

U vraagt

Wat drijft me? Kijk.

De buis lijkt star, is soepel,

lenig en buigzaam.

Een lichtgewicht ook nog.

.

Voorzichtig verwarm ik haar

plooi haar geleidelijk

naar mijn wil.

.

Ik doe dit keer op keer

en op een dag, bij open weer,

hijs ik het zeil.

.

Zij is zowel mast als bast

geworden en voert me

naar waar ik wil.

Wat mij drijft? Wind.

Categorieën
beeld tekst

Piet, Paul, Jan en de anderen

 

 

Gedane zaken nemen ongemeen een keer.

Zwart op wit draaien ze een rad

voor de ogen van onder- en bovendrukte.

 

Enkele druppels speeksel vliegen in het rond.

De keer geschiedt terstond.

 

Het wordt er heel even beter op, veeleer.

Eierhoofden verlaten het geëigende pad.

Ze krijgen koorts en lopen dra op krukken.

 

Dank je wel, corona, dank je.

Ongemeen hoe je ongedane zaken

keer op keer gedaan maakt.

 

Categorieën
PLEEBEER

Opstand

Temperaturen en gemoederen hoog op
flirten met plafonds.
Een hand gevuld met je borstkoepel.

Dul noch dol de griet.
Geen feest hier in het land,
teugels strak.
Tot alles ineenstuikt.

Regen en wind beuken erop in, hakken.
Boom en rots, middenvingers
in deze branding in dit gegeseld land.

Langzaam de teugels vieren.

Wind gaat liggen. Boom en rots
glimmen en glunderen.

Categorieën
erger

Zeeland Zélande

Daar dan alweer lagen wij
in elkaars branding.
Ook nu waren de golven
ons eerst genadig.  

De wind nam toe
Het land kreeg zijn grond doorploegd.  

Grotere golven
overspoelden ons
tot op de top.  

Bij het stranden
bleef ik trillend achter.
Nous voilà à nouveau allongés
dans le ressac l’un de l’autre.
Là encore, les vagues
ont d’abord eu pitié de nous.  

Le vent a augmenté.
La terre du pays était bientôt sillonnée.  

De plus grandes vagues
nous ont accablés,
nous portant au sommet.  

Sur la plage je n’arrêtais pas
de bander.
Elke poging om te verhullen ten spijt.
Categorieën
erger

Mettertijd zonderling

 

Met

de vinger aan de pols

de stok aan de hoepel

de hoepel om de hoek

de koepel boven de stoel

 

 

komen we er

komen we er

komen we er voor uit.

 

 

Zonder

de vlieger die opgaat

de mier die zich niet eten laat

de stok die de hoepel lost

de hoek waarachter de hoepel

kreupel stil valt.

Categorieën
erger

Americana

1.Met het oog op de uitgang, uit,

nemen we plaats zowat

in het midden van de bioscoopzaal.

 

Rechts van ons zit Ludwig Wittgenstein,

naast hem Barosso.

Voor ons een gezin met acht kinderen.

Daar zou jij uit voortkomen.

 

Het Wilde Westen slaat volop toe.

Koewachters hoeden hun vee

van onder hun hoed.

 

 

Ze schieten pas

als de Indianen komen aangerend.

 

Er is al lang geen vee meer om te hoeden,

noch indianen om te verdrijven.

Ze schieten dan maar elkaar neer.

 

 

 

2. Zonder zorg om de uitgang,

onze plaatsen zijn genummerd,

gaan we zitten in het paleis.

 

Rechts van ons zit mijn collega,

verrast, wat verder naast hem

Barosso.

Wittgenstein is er niet meer bij.

 

Een oeroude neger met een band

speelt op zijn saxofoon

ons van onze sokken.

 

 

 

1. En vue de sortir, sortie,

nous prenons place pratiquement

au milieu du cinéma.

 

A notre droite, Ludwig Wittgenstein,

à côté de lui, Barosso.

Devant nous, une famille de huit enfants.

 

C’est de là que tu sortiras.

 

Le Far West sauvage bat son plein.  

Les gardiens des vaches gardent leur troupeau

de sous leur chapeau.

Ils tirent tout juste

quand les Indiens arrivent en courant.

 

Il n’y a plus de troupeaux de bétail

depuis longtemps,

ni d’Indiens à expulser.

Ils se tirent alors dessus.

 

 

2.         Sans se soucier de la sortie,

nos places sont numérotées,

on s’assied dans le palais.

 

À notre droite se trouve mon collègue,

surpris, un peu plus loin à côté de lui

Barosso.

Wittgenstein n’est plus là.

 

Un très vieux nègre avec un groupe

joue du saxophone

à nous faire tomber hors chaussettes.

Categorieën
erger

Boef of dief

Wat kruipt daar door het hoge gras,

wat kruipt daar door het lage gras?

Is het de dood, is het een dief?

Het is dan ook nacht.

Sluipgraag kruipt hij niet maar tippelt.
Het moet niet altijd de dood zijn die bij nacht.
Categorieën
erger

Aan Dirk Vekemans

Zie toch de veek 

hangen aan zijn kruis 

van god en vrouw verlaten. 

Spot niet met hem, 

heb geen medelijden. 

Zie hem daar hangen, 

haast van pijn verblijd. 

Categorieën
erger

een uit de hand lopende reggae

Mijn onbehagen kan ik niet schragen

in je tepelhof. De weg naar die van Eden

is afgesneden.

Het punthoofd dat wij er van krijgen

put ons uit. We wijzen niet langer,

wezig als we worden vallen we uiteen.

Boehoe wat een stemming

voor elk van ons tot ver na het ontwaken.

Categorieën
erger

Het is ons wat

De rust die van het landschap uitgaat

daarover raakt niemand uitgepraat.

Op het netvlies haakt een vlieg in.

Een mug laat een scheet,

een visser heeft beet.

De wolk houdt zich achter de hand,

de zee doet het met het land.

Ik rijd enkele rondjes

op een zeepaard, wat een kontje.

Onder het dal ligt de diepte

gaapt de kloof

geeuwt de eeuw.

Categorieën
erger

Staande en zittende uitdrukkingen

Ik ben een groot gebruiker van uitdrukkingen, die ik in stand houd, dan wel in stand opricht. Staande uitdrukkingen, ze staan zo mooi. Er zijn ook zittende uitdrukkingen. Tegen iemand die beter verdwijnt, kan je veel kanten uit: 

‘Ga weg.’ ‘Verdwijn’. ‘Wilt u hier even door de grond zakken?’ 

Bij mij gaat het steevast als volgt: ‘U kunt twee kanten uit: de boom in of de pot op.’ Beide zijn zittende uitdrukkingen. 

Categorieën
erger

Hallo, zit daar iemand?

We zaten er heimelijk op te wachten op de plee, op een stuk over de urinoir, al dan niet van Duchamp, de meningen daarover lopen de laatste tijd nogal eens uiteen. Of minstens uit twee. Op de plee zitten we trouwens meestal te wachten. 

Het moet overigens niet altijd ellende zijn, het kan ook bevrijding worden. Zodat de grijns op ons gezicht ontdooit tot glimlach. 

Ineens zie ik dat het pleegebeuren hier modulair verwerkt wordt door de pleetechneutologie van wordpress. Het geheel laat zich voortaan schrijven in blokken. 

Moeten we ons daardoor ongelukkiger voelen dan we ons voordoen? 

Of juist gelukkiger? De pot op met deze vragen. We mogen verder niet klagen, anders krijgen we een enkele reis naar de klaagmuur, die tot nader order nog steeds in Jeruzalem staat. Trump is van plan hem af te breken en steen voor steen over te brengen naar Tel Aviv. Dat varken uit het witte huis in Washington is de enige die de zaak van de joden met voeten mag treden zonder voor anti-semiet te worden uitgescholden. 

Okee, genoeg stof voor de plee. 

Categorieën
erger

Wat een meubilair

Voor Harmen Verbruggen 

 

Het smoelenboek lees je niet op een stoel,

ook niet bij de massage. Noch onder de massage.

Ik heb het toch eens geprobeerd,

zo onder de massage.

Ik kon geen woord uitbrengen.

 

Het smoelenboek lees je niet op de plee.

Was het maar een boek.

 

Categorieën
tekst

Een storm vervolmaken

Buiten bereidt men een storm voor

en ook binnen is het stil.

Het apparaat is klaar voor gebruik,

u kunt de meting starten.

 

Van de weeromstuit de dichter

ligt er sprakeloos bij met halfglazen blik.

De pax poetica heeft hem te pakken.

Hij mompelt zelfs niet meer.

 

(Dit gedicht is in Amsterdam afgedaan als mechanisch; terwijl het eigenlijk nogal procesmatig is. Tja, in Amsterdam zijn ze niet altijjd mee met de stroming buitengaats)

Categorieën
erger

Een gedicht van Martinus Benders

Categorieën
audio beeld

Een gedicht van Dirk Vekemans

Categorieën
tekst

Een greep naar de wolken

Maak ons geen air wijs

alsof je de muziek kent

niet de tekst van het lied.

 

Laat de daver maar

de bovenhand halen

op de trein, de sporen

laten de rozen geuren,

de veestapel in kralen

mag van zich laten horen.

 

Laat je alvast maar bekoren

door het galmen van het koren.

Wie denkt koortsig hooi te stapelen

mag van een strooien dak tuimelen.

De vogel hoort thuis in zijn leeuwenschik.

 

En hoor hoe wijs

het lied zingt van de aarde.

Categorieën
tekst

lichte kost – digestif

Noteer in je beursboekje

hoeveel je vandaag nog waard bent.

Kijk daarna in de spiegel.

 

Noteer in haar keurslijfje.

Prenez note dans votre clapet boursier

de votre valeur actuelle.

Ensuite, regardez-vous dans le miroir.

 

 

Prenez note dans son corsage.

 

 

 

 

Categorieën
tekst

Nachtwacht / Veille nocturne

Het is ons ding niet,

noch ons kopje thee,

om koffie te gaan kletsen

om kliekvorming.

 

Het onheil laat zich zelden spellen

zonder fouten. We foeteren

dan ook behoorlijk.

 

De rots staat uit volle borst

in de weg, blazen

helpt geen moer.

 

We houden dan ook graag

deze picknick in het zand.

Aan zwaar tafelen hebben we het land.

 

Verscheurend verheft zich

dra de maan

waar vogels hun mannetje staan,

op wacht om te vissen.

Ce n’est pas notre truc

ni notre tasse de thé

de calomnier en prenant le café

et faire une clique.

 

Il est difficile d’épeler une calamité

à l’avance sans fautes. C’est pourquoi

nous rouspétons énormément.

 

De pleins poumons la tempête

fait obstacle au port.

Cela ne sert à rien de souffler.

 

C’est pourquoi nous aimons

à manger le déjeuner dans le sable.

Nous détestons un repas trop lourd.

 

Il est déchirant de voir la lune

bientôt se lever,

là où les oiseaux n’ont pas froid aux

yeux veillant en attendant le poisson.

Categorieën
tekst

Magistral comme je déploie les moments devant moi:

aucun geste si ce n’est qu’il est parfaitement saisi dans ce qui a été atteint

parfaitement déjà comment il aura été et donc ne se permet pas

de vouloir être un geste.

en gardant la même distance en posant,

une division est créée visiblement dans l’indivisible

telle une paroi cellulaire qui

dans un écho, du coup, n’est plus une paroi cellulaire mais mouvement

 

ou encore un nuage qui se déchire dans les nues

alors qu’il y a peu, c’était un marin ou un lézard.

 

l’inévitable qui en soi était un rien qui devrait se faire

que je commence à ouvrir si lentement dans le présent,

à déplier avec un attendrissement pieux dans la coagulation de mes plis

jusqu’à ce qu’il s’arrête juste avant que vous ne preniez la parole.

 

ma main bouge comme sur une mousse noire

qui a des odeurs profondes de pourri et de luxe.

 

Je rends visible l’euphrate qui goutte, le sahara qui se fait compter

je montre le vent de l’ouest qui transforme la mélancolie en vagues

en hectare après hectare pleines de croissance et d’anémones blanches.

 

oui, je parle espace car je suis trop réveillé pour le temps.


 

meesterlijk ik spreid momenten voor mij uit: 
geen gebaar dat niet volstrekt gevat in wat vooraf
perfect bereikte al hoe het geweest zal zijn en dus
zichzelf niet gunt gebaar te willen zijn.

bij het leggen op gelijke afstand
ontstaat er merkbaar afscheiding
in het ondeelbare zoals een celwand
op een echo plots geen celwand maar
bewegen is.

of zoals een wolk in wolken scheurt
terwijl het net een zeeman was of hagedis.

het onvermijdelijke dat uit zichzelf een niets was
dat wel komen moest begin ik extreem langzaam in het nu
te openen, met devote vertedering open te plooien in het stremmen
van mijn plooien tot een stilstand net voor u toch spreken gaat.

mijn hand beweegt als over donker mos
dat diepe geuren bergt van rot en weelde.

het druppelen van eufraat laat ik zien, het tellen van sahara.
ik toon de westenwind die van weemoed golven maakt
in hectare na hectare vol met bloei van witte anemonen.

ja, ik spreek in ruimte want ik ben te wakker voor de tijd.

Categorieën
tekst

Hoe streng we bij het drinken dronken

Laat ons spontaan

uit de nek zwalpen,

uit de heup lullen

en ten voeten uit huppelen.

 

Spontaan? Mijn reet, ja.

We hebben met de neus

diep in het glas gekeken

en worden nu de afgrond gewaar.

 

En ja, wat zou het?

En nee, dat mag best.

En dus ja, nog een rondje.

Categorieën
tekst

In de herhaling verbergt zich een talent

In de herhaling verbergt zich een talent

 

Ik dwarrel niet maar schiet vooruit,

meteoor op het water.

Ik val niet eens.

 

Ooit was ik een ster

en dwarrelde in de hemel.

Toen kwam mijn tijd

om naar beneden te gaan,

te vallen.

 

Liever was ik blijven dwarrelen.

Zal ik ooit nog dwarrelen?

 

Mijn val

omhoog

waarmee alles is begonnen,

was onverwacht.

Niemand had het ooit voorspeld.

 

Ik dacht: ik zweef, maar dwarrelde.

Vele ogen verborgen achter camera’s

volgden me op de voet.

 

Hier en daar stopte iemand

een micro voor mijn neus

en stelde vragen.

Wist ik veel wat ik moest antwoorden.

Ik was bezig te dwarrelen.

 

Beide voeten op de grond,

wat moet ik me daar bij voorstellen?

Op handen en voeten kruipen,

ik doe het niet na.

 

Vraag een meteoor niet iets

wat hij of zij niet kan.

 

Vraag me gewoon niets.

 

deze boot heet meteoor.jpg

Categorieën
erger

Mode het is van het huis

Zelden zag men zoveel genie samen

als op onze werkvloer.

Wij ontwikkelen kunststoffen

die maken dat je in je ondergoed

je billen niet voelt

noch je geslachtsdeel.

 

En alles netjes bij elkaar blijft.

Wij ontwerpen dat ondergoed.

 

De stof maken en knippen, dat doen wij.

De broekjes maken, dat doen zij,

in achterafzaaltjes en –werkplaatsen

met enkel kunstlicht en zonder kunstgebit

die arbeiders kunnen dat toch niet betalen.

 

Categorieën
tekst

Geen weer geen wind – Quel temps quel vent

Nu blijkt dat wij bleek

wegtrekken aan de kim

stopt allicht het zoeken.

 

Hoe jullie netjes iedereen optrommelen,

wat later ieder op zijn plek

te kakken zetten, de kaken op scherp

en jullie niets daarvan oprommelen.

 

Voor de drommel!

Kom maar hier

met dat bier

van de hommel!

 

Uit onze ooghoek zien we nog net

de mastpop hangen aan de masttop.

Eindelijk ligt alles klaar nu,

voor de hand, steek hem uit

geef vuur aan de brand.

 

À présent il s’est avéré comment, pâles,

nous disparaisons à l’horizon,

peut-être la recherche s’arrêtera-t-elle.

 

Comme vous avez si bien mobilisé

tout le monde, pour mettre chacun

à sa place, à chier,

la crampe aux fesses,

sans que vous les nettoyiez.

 

Au diable !

Par ici,

cette bière

au bourdon !

 

Du coin de l’oeil nous observons tout juste

la poupée de mât pendue à son sommet.

Enfin tout devient clair, allant de soi,

prêt à prêter la main

pour y mettre le feu.

Categorieën
tekst

Een ogenblik graag

Haast iedereen kent hoop ik nog de uitdrukking: het moment is aangebroken. Ze dateert uit de tijd dat de tijd nog iets autonooms had en dus kon aanbreken, uit eigen beweging en in eigen beheer.

De postmoderne lullers, dit zijn lieden die menen dat de hemel de grens vormt en dat je moet blijven scharrelen tot je hoofd er als een ei uitziet, hebben de zaak verbasterd tot een momentum. Het ogenblik kreeg iets van een monument maar vooral, het werd manipuleerbaar. “Ik voel dat het momentum gunstig is.”

Lang heeft dat niet geduurd, dat momentum. Het bleek geen monument te kunnen worden. Nu zijn er opnieuw momenten. Maar ze breken niet meer aan. Nee, de mens breekt ze aan. Er is het trefmoment voor ouders op de nieuwe school. Er is het afscheidsmoment als iemand gestorven is. Er is het ontspanningsmoment op het werk. Of het kennismakingmoment. Al bij al mag het nog een moment lang duren. Een ogenblik, graag, meer mag dat niet zijn.

Ogenblik! Wie zegt dat? Wie vindt dat we geen tijd meer mogen nemen? Als iemand onder jullie de schuldige vindt, u gelieve die uit te leveren aan het Strafhof te Den Haag wegens grove schending van de mensenrechten en wegens aanslag op de mensheid en, last but not least, wegens diefstal op de mensheid met collectieve verarming als gevolg. Tijd moet u weten is ons geld. Het is ons kapitaal. Wij zijn wij? Wij zijn de kapitaalonkrachtigen die het moeten doen met wat koopkracht. Die beperkte koopkracht nemen we er bij, als we maar vrij mogen beschikken over onze vrije tijd, ons echt kapitaal.

Als men dat kapitaal echter opsplitst in momenten en die dan vervolgens in een mum van tijd laat afhandelen, zodat we in ademnood komen, dan gaat dat ons te ver.

Een ogenblik, graag.

Categorieën
beeld

Je maintiendrai

Je reviendrai ici, bientôt, un jour

ou autre, demain par exemple est un autre jour.

 

Op een of andere dag kom ik hier

terug, morgen bijvoorbeeld is een andere dag

 

En attendant, deux tableaux de Matisse.

Voor ik zover ben, nog deze twee doeken van Matisse.

 

Categorieën
tekst

Un Vekemans, Dirk en traduction

 

persévérant par amour ou foutu

par la répulsion, la fin établie en tant qu’axe

et froide la force utilisée pour que ça raidisse,

le tour résiste en dénouant par déchéance.

 

est-ce blanc ? les lis nagent en faisceau.

est-ce noir ? le vrai pullule le plaisir vaisseau.  

 

faire tourner les pôles en ronds rigoureusement

laisser se déborder le seau franchement

se faire bannir de la bonne santé en toute liberté

bruyamment les instincts se faire ressaisir robustement.

Categorieën
beeld tekst

Het automatiseringsproces

De beeldspakerigheid van het radelend wiel fietst volop. Een colsukkeltand van een alsnog middelgroot technologisch verdrijf projecteert zijn beeldspaak puntkrachtig. Hij doet dat met een mond vol hete aardappel.

“Met een ingebouwde zursfunctionaliteit die we hebben uitgebouwd, kan men nu aan de slag. Je vindt die functionaliteit in de toelbaar.”

Pieter P. Punk (alias Pierre Paul Punque) onderbreekt hem. “U zou beter eerst goed kauwen en dan doorslikken, vooraleer u verder praat.” Zitk tuf tuf sie hesja fcusina? ‘l Ma?

Van verstomming en van lood verslagen, getroffen kortom, valt de man stil.

Stil. Ik heb de hele tijd stilgezeten, sta nu op en ga. Helemaal uit zichzelf opent de deur zich voor mij en blijft me nog lang nagapen. Als ik de hoek van de gang omdraai, valt de deur pas dicht. Mijn ogen op mijn rug kan ik nu ook sluiten.

Ben ik nu gerust of enkel uitgerust?

Ik laat de automatische snoepdoos links staan, haal uit naar rechts en bevind er mijn kantoor.

Het beeldscherm staat op pauze. Het ziet er behoorlijk zwart uit maar dit is slechts schijn. Achter het zwart gaat de wereld schuil. Die wee toch wee wereld is opgedeeld, heel netjes, in processen, meestal schijnprocessen. Daardoor verlopen ze gedeeltelijk automatisch. Je bladert met een vinger door het internet. Je hoeft daarvoor je vinger niet meer nat te maken. Je hebt wel nog bladwijzers. Zoiets.

Of je wil een brief schrijven en opsturen. Geen ticket nemen in een onderbemand en veel te vol postpestkantoor om een postzegel te kopen. Een, mijnheer? Wist u dat als u er tien koopt…. Ik wil dat niet weten. Gewoon een elektronisch bericht sturen. Je stopt de brief in het bericht of je hangt hem er aan vast. En weg is Kees. En koffie maken we hier halfautomatisch.

Ineens flitst het scherm vanzelf op:

Zit de ziel in een schoendoos of toch maar in een doodskist? Ik druk op de knop ‘enter’, gooi een haak uit en haal de zin zo binnen uit het internet, naar een bladzijde die ik open in de tekstverwekker. En eenmaal verwerkt, komt dit ervan:

De schoendoos gaat open, de ziel gaat lopen. 
Op een schoen meer of minder. 
Als ze uitgelopen is, wenkt een andere doos. 

Het dagelijks werk in de Toren van Luik, het dada dagelijks werk, jaja. De toetertoren, ja. Niemand raakt op het dak om het ervan te schreeuwen. De vrees leeft niettemin niet dat iemand die zo hoog raakt, zich ervan zou afwerpen. Hoewel de sprong in de leegte op zich niet verwerpelijk is en als experiment in luchtledigheid in aanmerking komt. Of als poging om de zwaartemacht te lijf te gaan.

Categorieën
beeld tekst

Een korte voorstelling van zaken van mezelf

Van beroep ben ik knelpunt. Ik ben ternauwernood woonachtig maar voor de rest ontzettend werkzaam. Wie heel opmerkzaam is, ziet me zo komen. Anders zie je me zo gaan.
Stel, ik heb gedaan met werken, de werkdag zit erop. Als knelpunt weet ik overigens nooit helemaal wanneer het werk erop zit. Maar dat zal u worst wezen. Ik kom dan thuis, doorgaans afgepeigerd. Het is geen makkelijke stiel, knelpunt van beroep. Dan begrijp je dat ik ternauwernood woonachtig ben. Maar eerder amechtig.

Het kan zijn dat ik holderdebolder ben ingesprongen om een plaatselijke reportage te maken die ik dan uit derde hand schrijf omdat ik de middelen niet heb om plaatselijk een vraaggesprek te voeren met lieden die zich omringen met zwaar gespierde torso’s waar altijd wel wat vuurwapen aan wappert. Ja, inderdaad, ook lokale nieuwsgaring is in een knelpunt geraakt. Laat staan dat ik recht heb om te reizen met de trein in eerste klas.

Soms ook moet ik instaan om ratten te vangen en te doden. Soms sta ik in voor een mevrouw aan de kassa, hoewel dat nooit lang duurt. Als bouwvakker of instant loodgieter wil ik nog wel eens loos gaan.

Ik ben ooit opgeroepen om de rol van eerste minister te spelen omdat geen enkele formateur een regering kon vormen. Ik heb toen geweigerd. Het land besturen is geen beroep maar een roeping. En dus kan daar van een knelpunt geen sprake zijn. Hoewel ook in de politiek de roepingen afnemen. En de zaak daar richting knelpunt evolueert. Maar dat is geen probleem. Zoals nu overal de kerken leeg staan en wachten op een nieuwe bestemming, zullen de parlementen en senaatgebouwen wel vlug een nieuwe bestemming vinden.

Ik ga nu slapen. Om slaapachtig en slaapzaam te worden.

 

(Deze tekst dateert van 2014. Werkzaam werken moest nog worden uitgevonden in de Wetstraat. Ik had het toen al zoals je hier kunt zien. Burnout was nog geen plaag maar het zat er aan te komen, zoals je hier kunt zien) 

 

 

Categorieën
beeld tekst

Le processus d’automatisation

Les métafoires de la roue aux rayons du vélo vont de pair et d’impair. Une hantreprise de taille moyenne active dans la technologie projette son image à force de points, la bouche pleine d’une pomme de terre yperchaude, cela fait très coule.
“Nous avons développé une fonctionnalité zursfunct que nous avons intégrée dans le bar des taules.”

Pierre Paul Punque l’interrompe. “Avant de continuer de parler, mieux vaut bien macher et puis avaler.” Zitk tuf tuf sie hesja fcusina? ‘l Ma? (veux-tu que j’aille te chercher quelque chose à la cuisine? De l’eau?)

Bouche bée d’aplomb, bref fort touché, la parole de l’homme s’arrête. Arrête. Je me suis arrêté à temps, suis resté assis tout le temps mais maintenant je me lève et m’en vais. Tout à fait d’elle-même et d’initiative, la porte s’ouvre devant moi et me regarde passer bouche bée. Quand je prends le virage pour tourner dans l’autre couloir, la porte enfin se ferme. Et enfin, je peux me fermer les yeux dans le dos. Suis-je tranquille ou bien reposé?
Je passe à côté d’elle, comme si elle n’existait pas, la distributrice de friandises. Je tourne vers la droite et me voilà arrivé au bureau. Mon bureau.

L’écran est en position veille et a l’air vachement noir. Seulement l’air. Le noir cache le monde entier. Qui se traduit en web web web, se divise proprement en processus, souvent des simulacres de procès.
C’est pourquoi l’automatisation est un processus progressif, qui y va tout doucement. D’un doigt, on feuillette l’internet. Plus besoin de se mouiller le doigt. Les marques-pages sont restés. Ou encore, je veux écrire une lettre et l’envoyer. Je ne dois plus perdre mon temps et mon humeur dans un bureau de poste qui peste, en y prenant un ticket pour attendre mon tour, mon numéro. Alors, monsieur, vous voulez quoi? Un timbre, s’il vous plaît. Un seul? Savez-vous qu’en achetant dix timbres, vous…. Non, je ne veux pas savoir. J’envoie ma lettre par courriel. Le café au bureau est fait en semi-automatique. Mais voilà que tout seul, sans que j’y touche, mon écran s’allume et montre une phrase:

L’âme se trouve-t-elle dans une boîte à chaussure ou quand même dans un cercueil? 

J’active le bouton ‘entrez’, je hameçonne la phrase et la mets au bord de l’internet dans une page du logiciel de traitement de texte. Et je la traite!

La boîte à chaussures s’ouvre, l’âme s’échappe.
Ne regardant pas la chaussure.
Quand l’âme est à bout de souffle, une autre boîte s’ouvre. 

Le travail cocoquotidien haha dada dans la tour de Babel, à Liège. Personne n’arrive au toit pour y crier. Toutefois, la foi vit qu’un jour, quelqu’un pourrait y arriver et se jeter dans le vide. Le saut dans le vide n’est pas condamnable, en effet, il pourrait être retenu comme expérimentation dans le vide. Ou comme une tentative de maîtriser la pesanteur.

Categorieën
erger publi tekst

La muse

 

Je tourne sur une femme,

une vraie pute banale,

du genre qu’on ne prend pas –

au moins pas dans son lit –

 

(la conjugaison de ses pensées à lui

avec l’ondulation de sa mauvaise volonté à elle

rend les sens extasiés en phrases

dont il désire les mots).

 

L’homme que je manipule,

tu préfères ne pas le voir.

 

 

 

(traduction du poème ‘de muze’ de Dirk Vekemans)

 

Categorieën
beeld tekst

Een overheid die beroepsernst aan de dag legt? Liever niet of liever wel?

De Minister van Agitatie kreeg ooit te maken met de amateuristische aanpak van de overheid. De Rijkswacht was bij hem thuis binnen gevallen in zijn afwezigheid. Om zijn webstek plat te leggen, op verzoek van het Blok. Maar de Rijkswacht had niets gevonden, behalve een scherm. Het ging om een Apple waarin alles geïntegreerd was. Er was met andere woorden buiten dat scherm ook echt niets want de computer zat in dat ‘scherm’.

Hier was het dus: leve het gebrek aan beroepsernst. Ondertussen heeft de politie wel een afdeling computermisdaad en weet ze dus beter. En hopelijk heeft de minister nu inmiddels een draagbare computer die hij wijselijk overal met zich meesleurt en veilig kan opbergen als het weer stormt buiten.
De Minister van Agitatie geniet geen parlementaire of andere ambtelijke onschendbaarheid, bij gebrek aan portefeuille.

Anders verging het de Wijnants, ook wel de Wilfried. Als jonge man trok hij vaak op met lieden als Paul Goossens, de verkeerde vrienden waarvoor elke moeder waarschuwt, en nam hij al eens een blokpil om door de examens te geraken. Op doktersvoorschrift bovendien. Toen hij zich aanmeldde voor de proeven voor zijn legerdienst, werd hij opgesloten in het militair ziekenhuis. Hij bleef daar maanden vastzitten. Zonder duidelijke reden. Eenmaal buiten zocht hij werk en overal ving hij bot. Hij vond zelfs een werkgever die hem te alle prijs wou in zijn bedrijf. Tot die kandidaat-werkgever inlichtingen kreeg over het goed gedrag en zeden van Wilfried. Bleek dat hij bestempeld werd als staatsgevaarlijk en dat stempel in zijn attest van goed gedrag en zeden stond vermeld. De amateuristische oenen die hem dat gelapt hebben, hebben het op hun geweten dat Wilfried uiteindelijk als zelfstandige aan de slag is gegaan, dat hij om de haverklap werd gecontroleerd door politieagenten en douanebeambten, wat tot heel veel vertraging leidde. Terwijl dit allemaal overbodig was. Want nergens op gebaseerd. Terwijl de ware staatsgevaarlijke lieden nauwelijks dat stempel kregen of krijgen en ook niet werden of worden gezocht.

Het lag dan ook voor de hand dat Wilfried onderaards zou gaan en inderdaad belandde hij als jongste medewerker bij het letterkundig tijdschrift Labris, later bij de opvolger Tempus Fugit.  Zou hij zover geraakt zijn zonder dat stempel?

Zou hij zover geraakt zijn zonder dat stempel? Zou hij dan niet veeleer ‘braaf’ les hebben gegeven in het technisch kunstzinnig onderwijs dan werkzaam te zijn geweest in het uitzinnig kunstbedrijf?

kunstenaar-wilfried-wijnants-houdt-laatste-tentoonstelling_12_305x200

apple computer

Categorieën
tekst

Later aan de elf

 

Nog tasten de toppen
van mijn vingers het zwerk af
op zoek naar een gat, een breuk.

Niets nog breekt er door.
Alles keiglad. De een weent,
een ander breekt
in woede uit, alles zo vergeefs.

Nu keer ik me om en kijk de Thoth
in de ogen uit zijn verhaal
gerukt, verrukt haast.
“Het is toch wel van de hond geklaagd,

been op steen en zonder inscriptie.”
Wie sprak? Dat blijft in het midden.

Later aan de elf
keken we op
naar al dat gewelf

Categorieën
erger tekst

Mismenselijk – Malhumanitaire

1.       De barbaar is altijd een mens

voor hij toeslaat.

Laat hem toeslaan

op rabarber, desnoods

op een rubberboom.

Toch niet op een ander.

 

Toch slaat hij vooral toe

op een ander.

Zijn hoofd is op hol

geslagen, zijn hoofd is hol,

 

recht uit de hel

waar de duivel hem

inblaast en uitraast.

 

 

2.       Naast de mens de kameel

staat netjes in geel.

Ver daarboven het blauw,

waarnaar we reiken zo gauw

 

we kunnen,

het ons gunnen.

 

Het is al kommer en zand

dat in het kader spant.

We springen er niet uit,

we springen er gewoon in.

1.       Le barbare est d’abord humain

avant qu’il ne frappe.

Laisse-le frapper la rhubarbe,

l’arbre à caoutchouc

s’il le faut.

Mais pas autrui.

 

Et voilà qu’il frappe

surtout autrui.

Il a la tête au galop,

la tête creusée,

 

venant droit de l’enfer,

où le diable expire

et l’inspire.

 

 

2.       À côté de l’homme, voici le chameau,

au jaune loin de l’eau.

Le bleu les surplombe,

avant de creuser notre tombe

 

dans le sable

du diable.

 

Il n’y a pas que souci

suspendu dans ce cadre-ci.

On n’y sort pas,

on y fait un saut.

 

Categorieën
tekst

Het ligt er en heeft er gelegen – Ci-gît et puis gît

Ik tast volop in het duister en sta op.

Vandaag geen zon, hoera, het regent.

Voor de rest ligt iedereen zo stil,

nog vast in slaap, de weerman zijn gelijk.

 

De lust tot fluiten borrelt op.

Ik houd het voor gezegd en zwijg

heel even. Ik laat de plee zingen

in mijn plaats, hoera, het regent.

 

Hemeltje, waar wolken dicht bijeen

gepakt en gezakt en beladen wachten

op hun beurt om te druilen,

 

geef ons een dag als geen ander.

En morgen nog zo een.

 

Je tâtonne pleinement dans la pénombre

quand je me lève. Aujourd’hui, le soleil

prend congé, il pleut, enfin, youppie.

Les autres ne bougent pas, dorment

et donnent raison à la météo.

 

Je sens venir l’envie de siffler.

Je crois toutefois avoir tout dit et me tais,

un moment. Je fais chanter les chiottes

à ma place car youppie, il pleut.

 

Ô ciel, où les nuages se rassemblent

et descendent, attendent chargés

pour pleurnicher à leur tour,

 

donne-nous un jour pas comme les autres.

Et demain encore un comme ça.

 

Categorieën
tekst

Un mot pourrait suffire pour passer – Soms volstaat een enkel woord

Passe-moi un mot

pour que je passe.

 

Inutile de demander,

ni d’insister,

je suis secret

connu des seuls poètes.

 

Ils vivent leur misère

et méritent qu’ils me possèdent.

 

Demandez à Kamal

où je me trouve,

il trouvera bien.

Wachtwoord, geef me

je woord, ik wil hierdoor.

 

Je hoeft me niets te vragen

noch aan te dringen,

ik ben geheim.

Enkel dichters kennen me.

 

Ze leven behoorlijk ellendig

en verdienen me aldus.

 

Vraag het Kamal,

waar ik me bevind.

Hij vindt me wel.

Categorieën
beeld

Waardepapier

Frus

trust

frost

tros

tot de bevinding komen

gekomen

van de frussische vrucht

banaan

al kan met enige durf

druif

even goed

tot daden gedreven

dadels

 

Druip

raam

kraam

wat? Wie past daar het schoentje?

 

kruip

draam

dram

kruiperig, drammerig

het slaakt er niet in

 

door de bank geverfd

door de wol genomen

de wolf verscheurt

niet eens

het lam

dat

door de bank geverfd

in zijn wol genomen

almaar aan lammert

vanwege zijn gnomen

van ver zijn wij gekomen,

banaan, druif, dadel.

Categorieën
tekst

Lampinet (Ferdinand)

  1. Het klappen van de zweep,

uit de school van Frank Sinatra,

valt te laat uit, achterklap.

 

Ruis in het gewaad verstoort

de draagster raakt gebaad.

Straks komt ze geolied

naar je toe, my way.

 

De luifel van de bedoeïenentent ligt

slap neer voor de ingang,

nu ook de wind is gaan liggen.

 

2.

Ze lag daar maar wat fraai,

de benen uit elkaar,

de voeten naar het oosten.

 

Ach, man, als ik nu eens graai

in haar lange donkere haar,

zouden mijn ballen dan gaan boosten?

 

Haar buik, wanneer ik maai,

zo kaal, zo gebarsten, zo gaar,

kan mijn woede niet troosten.

 

Integendeel, in volle vuur ik laai,

geen wind kan met me aan de haal,

het waait niet, nee, het buldert,

ik kom, ik kom uit me af gebulderd.

 

(wordt vervolgd) 

Categorieën
erger tekst

Bob boom swinger

Bob wou verder geraken

dan de Morgen, de meest marginale

dichter van het land,

zo stond hij in die krant.

 

“Ik schrijf de burgemeester een brief

en vraag hem een boom.”

Man, dat zal niet lukken, zo klonk het alom.

Doe maar, zei ik, dat wordt nog een platform.

 

Iedereen kon verder de boom in

toen Bob hem kreeg en hij er

een wijkfeest rond bouwde,

er poëzie rond blowde.

Nooit stond een boom zo mooi in platform.

In het park.

 

Het mocht niet baten.

Hij liet het leven onderweg naar de plee.