Categorieën
beeld erger tekst vertalingen

De zwarte dame

De zwarte dame

Zij heeft haar zinnen, van duivelen bezeten,
op het arme kind gezet, een vreemde proeverij
van kwade vruchten – haar kleed alvast kapotgereten,
bereidt het roofdier slinks haar wrede boeverij:

Aanschouw haar zalige tepels beide, ze prijken
hoger dan een hand kan grijpen, haar vertier
– haar woest getrappel – gaat louter over lijken,
lam slaat elke tong, ongeschikt voor geil plezier.

De bevende gazelle in al haar naaktheid vloekt
met de dwaze olifant – zij wentelt zich gezwind
ruggelings, koestert hartverwarmend als een kloek,
lacht naïef haar tanden bloot naar het treurig kind –

Dan tussen haar benen waar men de prooi al vond
kijkt een duister open plooi onder krulmos je aan:
betreed het paleis van deze uitzonderlijke mond
bleek en roze als het schelpdier van de oceaan.

(naar Stéphane Mallarmé)

ill. Kees van Dongen, kleurenlitho voor Henry de Montherlant, Les Lépreuses, Parijs 1947