Tag: jt

journal intime #28

jt#28 – la marche en cime et en creux

het dipje in de kranige opgang, zo zou je de geste met haar schrijfleeslus hierboven kunnen beschrijven.

we zullen zo’n tekening, een combinatie van een geste met (de corridor van) een schrijfleeslus, een gignogram noemen, een neergeschreven beweging of gebeuren

in de gignomenologie ervan, de nog uit te werken ‘topologie van het gebeuren’, een uitdrukking die op een nonsensicale manier wel duidelijk maakt waar ik naartoe wil, en misschien Gérald Moralès ook wel met zijn ‘écriture du réel’, we gaan het aanstonds lezen (de spanning van het onaffe is mij echter dierbaarder dan de klaarte van het bereikte), in de gignomenologie van deze geste kunnen we lezen dat er geen omslag is in de richting. morgen zal ik een voorbeeld geven van een geste mèt omslag.

____________________

Kan die onvrijwillige analogie [van zijn schilderijen met de natuur, dv] figuratie genoemd worden? Hun richting doet er weinig toe: als die verandert, blijft de analogie. Om de abstracte kwaliteiten van een figuratief werk te appreciëren zet men het omgekeerd om zo te vergeten wat het voorstelt; mijn werken gelijken in alle richtingen op hetzelfde. Mijn werken gelijken in alle richtingen op hetzelfde.”

Bernard Réquichot – dagboek zonder dagen – p.113-114, mijn nadruk

Réquichot vergiste zich daar ewa in want het maakt wel degelijk uit of je zijn werken nu ophangt in de richting dat hij ze maakte of omgekeerd. iemand die aan depressie lijdt merkt niet dat alles in zijn gedrag depressief is, dat elk gebaar uiting geeft aan zijn lijden.

als je mijn ochtendlijke geste omdraait geeft de corridor een heel andere aanblik dan de neerslachtig wiekende treurvogel van het origineel, die mij dan ook gans in overeenstemming leek met de sombere gedachten waarmee ik wakker werd (ik miste mijn kinderen die nu nog meer onbereikbaar zijn dan anders).

de enkele geste van het omgekeerde gignogram overtuigt niet echt met haar ingehouden krullen, maar de veelvuldige herhaling ervan, de corridor van de schrijfleeslus, die je analoog kan noemen aan een (levens)houding of pose is wel die van een schijnbaar moeiteloze verheffing uit de beslotenheid, of alleszins een ontvluchten ervan.

het is geen dipje in de met veel moeite volgehouden pose van de kranigheid, het is eerder een besef van de weerstand en de vreugde van het overwinnen ervan.

ja, dit is nog speculatieve interpretatie – we moeten ergens beginnen – maar de richting van de lus lijkt allesbepalend voor de kwaliteit van de beweging.

de speculatieve interpretatie lijkt mij echter verantwoord omdat er geen speling zit tussen de expressieve resten van de geste en het gebeuren van de geste zelf. het lijkt dan ook triviaal maar dat is volgende formule allerminst: de onmiddellijkheid (in de zin van het woord zoals Kierkegaard dat gebruikt: de niet-met-middelen-genegotieerde directheid ervan) van de asemische expressie blijft in de lezing behouden. we zeggen dan ook:

in de praktijk van het Asemische Lezen is de uitgelezen geste identiek aan het neergeschreven gebaar

BRONCODE van hetjournal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • teken je de geste
  • je signeert en dateert het resultaat
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma: een gesigneerde en gedateerde tekening met een titel in een vreemde taal

journal intime is een gratis NKdeE-programma

journal intime #27

jt#27 – sous le nu, est l’écorché

het Frans vandaag komt uit de ‘Mauvaises pensées et autres’ van Paul Valery want ik was mijn Moralès boekske vergeten mee te nemen naar bed gisteren en nu te lui om het te gaan halen.

‘La Vérité est nue; mais sous le nu, est l’ écorché’ schreef hij voluit.

de rest van die ‘slechte gedachten’ moet ik zeker ook nog ‘s lezen maar dit volstaat wel voor nu: ‘de waarheid is naakt, maar onder het naakt is de huid’, enfin, dat wil Google Translate ons geruststellend doen geloven maar ‘l’écorché’ is wel degelijk het gevilde, het ontoonbare, het gruwelijke, het naakte leven dat eikeba nooit proper is.

een revelerende gedachte toch, in tijden van huidhonger tengevolge een pandemie die te wijten lijkt aan onhygiënisch eetgedrag maar in feite een rechtstreeks gevolg is van onze bevolkingsexplosie, een zékere en breed aangekondigde ramp waartegen enkel de Chinezen met hun ‘mislukte’ geboortecontrole iets hebben willen ondernemen, maar nu dus die pandemie, dat virusje, die gekrompen as, dat kruishaartje van het kwaad dat dient bestreden dient te worden met nauwlettende hygiëne en een strikt aanhouden van de voorgeschreven omgangsafstand van 1m50:

‘onder het naakte (van de waarheid) is het gevilde’

Ja, merci Paul, this will do.

BRONCODE van hetjournal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • teken je de geste
  • je signeert en dateert het resultaat
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma: een gesigneerde en gedateerde tekening met een titel in een vreemde taal

journal intime is een gratis NKdeE-programma

journal intime #26

jt#26 – laisse-le faire qui a son être

29 maart. het is afwisselend zonnig en bewolkt er zit een fikse noorderwind. het oogt aangenamer dan het is, en het is overal onrustbarend rustig.

op de momenten dat de angst alles begint in te palmen is het belangrijk om de angst te benoemen. het benoemen geeft de angst een plaats. rond plaatsen kan je rondwandelen, je kan ze bezoeken, maar omdat het een plaats is weet je zeker dat je er ook weg kan. hallo, dag angst, hoe gaat het?

elke crisis van het Zijn resulteert in een veruitwendiging van het Zijn: we exterioriseren wat er zich inwendig aan realiteitsproductie plaatsvindt. de veruitwendiging maakt de fictie tastbaar, ‘echt’ maar onthult haar meteen ook als fictie: onze logische circuits branden door: a is X en a is niet X, tegelijkertijd! Iemand gaf ons brein de opdracht om de vierkantswortel van -1 te berekenen.

in onze samenlevingen zijn we gaan leven in onze realiteitsproductie (men leze er de postmoderne betogen van Baudrillard of Virilio op na, maar wie heeft daar nog tijd voor? is al die prul al niet gedateerd van bij de verschijning? is iets daarvan echt ‘bruikbaar’ nu? theorie die wil verklaren om iets te veranderen, verklaar alleen zichzelf).
dezer dagen worden we manu militari zo goed als opgesloten in die zelfgekozen gevangenis, het Hotel California van onze natte droom, de consumptieverslaving die ons van wieg tot graf omzwachtelt. eeuwig ongestoord bingen.

O Hildegard!

maar dan zien we plots dat we ‘in het echt’, in real life, daadwerkelijk alleen zijn. we krijgen het rijke voedsel van de dagelijkse aanraking niet meer, maar ook niet langer het basisvoer van de lijflijke aanwezigheden de omgang op net iets minder dan respectabele omgangsafstand (social distancing): niet het grensoverschrijdende, neen, dat kunnen we missen als de pest, maar de grens zelf is verdwenen: de plaats van het lichaam stort in omdat er geen buiten meer is dat met de aanraking wordt bevestigd. de normale zelfzekerheid maakt plaats voor een rare vertwijfeling, die bij het minste kan escaleren tot beklemming, benauwdheid, angst.

de angst vindt doorheen onze realiteitsproductie de weg naar het produceren van meer angst. vanaf dan kan de realiteit die we voor onszelf als leefomgeving opgetrokken hebben op gewelddadige wijze elk teken van het reële pro-actief beginnen onderdrukken: we zien alleen nog maar ons Zijn omdat het Gebeuren te bedreigend is geworden.
er zit een neo-liberale homunculus achter het stuur van onze ‘ik’, en hij raast als een raastige Dedecker over de verlaten autostraden…nergens is er iemand nog, geen plaats heb ik om heen te gaan…

________________



In de tekst ‘Avoir son être’ waarin Marcel Billot een lezing geeft van het leven van Bernard Réquichot wordt duidelijk hoe Réquichot vanuit de beklemming die hem dreef een leven lang zocht naar een nieuwe stabiliteit, een soort hebben van het Zijn dat Billot dan niet zonder grond duidt als een Parousia, een Wederkomst.

want hij die zijn Zijn kan hebben, de eigen realiteitsproductie in alle omstandigheden van het ziedende Echte kan in stand houden, de Meester van de Permanente Noodtoestand, die is vergoddelijkt, die kan gaan luieren in de eigen Transcendentie.

in real life viel Bernard Réquichot morsdood op de straatstenen van Parijs op 4 december 1961.

slotparagraaf van de tekst van Billot in de Catalogue Raisonné, Weber, Brussel, 1973, p.221

journal intime #25

jt#25 – Dieu est une idée simple

de volledige versie van Bernard Réquichot is : “Dieu est une idée simple qu’utilisent les gens qui ne se posent pas de problèmes”. “God is een eenvoudig idee dat mensen gebruiken die zich geen vragen stellen”.

het bidden tot god is de-ontologisch gezien een degeneratie van het janken van puppies in nood, een appel aan de ouders. omdat de respons daarop in het talige rot van ons humane bewustzijn onvoldoende was, niet tot bevrediging leidde, degenereerde het janken tot een bidden naar een verheven superouder, aanvankelijk de Godin-Moeder met de gigantische borsten en de Verzwelgende Vulva, later de Vader-Jager met de Imposante Speer.


geconfronteerd met het dilemma tussen abstractie en figuratie kiest Réquichot resoluut voor de Uitweg, de derde weg van het Gebaar, al komt hij (voorlopig in mijn lezing van hem) niet tot een explicitering daarvan.
Los van alle intentionaliteit volgt hij op geheel intuïtieve wijze de logica van zijn genot. één van de resultaten van dat radicale opgeven van alle finaliteit, is dat zijn ‘doeken’ in eender welke richting kunnen opgehangen worden*:

Mijn schilderijen: figuratief? neen; abstract? ook niet. Men kan er kristallen in terugvinden, schorsen, rotsen, algen; nochtans zijn die dingen niet ‘voorgesteld’. Het aanzien van mijn schilderijen heeft gewoonweg een analogie met die vegetale of minerale materie. De analogie is geen figuratie: wanneer twee katten op elkaar lijken impliceert hun gelijkenis niet dat de ene de afbeelding van de andere is. Figuratief zijn de afbeeldingen van een wereld die bestaat of van een wereld die zou kunnen bestaan. Abstract zijn de afbeeldingen van een wereld die niet kan bestaan. Die gelijkenis van mijn schilderkunst met bepaalde elementen van de natuur is niet intentioneel.

Kan die onvrijwillige analogie figuratie genoemd worden? Hun richting doet er weinig toe: als die verandert, blijft de analogie. Om de abstracte kwaliteiten van een figuratief werk te appreciëren zet men het omgekeerd om zo te vergeten wat het voorstelt; mijn werken gelijken in alle richtingen op hetzelfde.

Bernard Réquichot – dagboek zonder dagen, p.113-114

de werken van Réquichot ‘gebeuren’ zoals de natuur gebeurt, omdat hij dat toelaat. uit ommacht omdat hij als mens die ‘jouissance‘ nodig heeft, maar ook uit noodzaak in functie van zijn ‘recherche’, een onderzoek op leven en dood naar het Zijn van het Denken en het Denken van het Zijn.

schrap het Zijn uit de motivatie/verantwoording van Réquichot en je hebt een perfect hedendaagse ‘auteur’ die zich onder 8 miljard + gelijken op uiterst bevredigende wijze bezig houdt met het oprichten, uitbouwen en in stand houden van zijn ‘Kathedraal’.

maar het is natuurlijk de Zijnscrisis die hem in voortdurende staat van onrust naar de dood drijft: als er geen Zijn bestaat kan zijn gebed niet verhoord worden, blijft hij opgesloten in de hel van zijn ‘angoisse’.




in de communicatie is het zaak dat er gecommuniceerd wordt, de inhoud van de communicatie is bijzaak. het is het gebaar dat telt.
daarom lanceerde de NKdeE onlangs ook een oproep om terug te leren bidden. niet tot god, dat heeft een naar geurtje van necrofilie, maar tot ons: Bid tot Ons.

het is een simpel idee maar het heeft zijn werkzaamheid historisch bewezen: het verenigt immers de angstige individuen in een congregatie, een kudde die door ogenblikkelijke onderlinge besmetting met het Woord dat de Angst verwekte, als bij wonder immuun wordt voor de negatieve effecten van gans de Plaag van de Taal.

Laat ons daarom heden voorgaan in het Dagelijkse Gebed tot Onszelf.

mensen mensen bid tot ons
die des mensen mensen zullen zijn
dat wij ons horen zouden willen
dat wij die ene keer geen mensen
zouden zijn maar wij gewoon

wij zouden ons dan horen
wij zouden ons al biddend zien
dat wij elkander toebehoren
dat jij in mij verscholen zit
dat ik in jou mijzelf kan zien

mensen mensen bid tot ons
die des mensen mensen zullen zijn
dat wij ons horen zouden willen
dat wij die ene keer geen mensen
zouden zijn maar wij gewoon

wij zouden ons dan horen
wij zouden ons al biddend zien
dat jij misschien ons niet wil horen
terwijl jij toch ook ons zal zijn
die nu het dwalen op jouw weg kan zien

mensen mensen bid tot ons
die des mensen mensen zullen zijn
dat wij ons horen zouden willen
dat wij die ene keer geen dommekloten
zouden zijn maar jij en ik gewoon.


*ik heb het dagelijkse gebaar hier ook bewust omgedraaid: ik maakte oorspronkelijk een ‘6’ als gebaar, hier zou je eerder een 9 in lezen. maar gebaren hebben geen onder of boven, die orientatie dat is ‘hogere cognitie’ al, een nageboorte, erger Rot dus

BRONCODE van hetjournal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • teken je de geste
  • je signeert en dateert het resultaat
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma: een gesigneerde en gedateerde tekening met een titel in een vreemde taal

journal intime is een gratis NKdeE-programma

journal intime #23

jt#23 – Taktafoui*

in de Neo-Kathedraalse Bouwkunde, een losvast geheel van aanwijzingen, misleidingen en verbeurdverklaringen voor beginnende Kathedraalbouwers zijn er maar twee echte regels. Als je die in acht neemt lukt het wel, die Kathedraal van je. Voor de rest doet ge maar è, aja: ‘t is tenslotte ùw Kathedraal!

Die regels zijn de Wet van Jommeke en de Beperking van Jerom.

Afbeeldingsresultaat voor Jommeke koffie



De Wet van Jommeke zegt :

Ja! Echt! Het Kàn. Je kàn van koffie cola maken. Jeuh!

Alleen: tegen de tijd dat je het klaarspeelt drink je waarschijnlijk liever koffie, en jouw getransformeerde koffie zal een pak duurder zijn dan de cola in den Aldi.
De Wet van Jommeke moedigt creativiteit en onderzoek aan in weerwil van het Kosmische Rot. Waarom ? wel: het navolgen van de Wet van Jommeke zal het u leren! Probeer het maar, het is plezant!

Afbeeldingsresultaat voor jerom suske en wiske personages

De Beperking van Jerom zegt:

Alleen Jerommeke kan zichzelf opheffen.

De Beperking van Jerom is vanzelfsprekend. Haar proberen uitleggen zou tegen de Beperking ingaan.


*”Taktafoui” is een deel van de naam van een werk van Bernard Réquichot. Ik verleesschreef het woord vanochtend als ‘allez, semmeleers, doe nu ne keer iets’. sorry è.

BRONCODE van hetjournal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • teken je de geste
  • je signeert en dateert het resultaat
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma: een gesigneerde en gedateerde tekening met een titel in een vreemde taal

journal intime is een gratis NKdeE-programma

journal intime #19

jt#19 – le trait donne à voir

de Franse taal heeft met ‘le trait’ een algemene aanduiding voor de lijn die je maakt met je hand die het Nederlands niet heeft. wij hebben ‘haal’, ‘trek’, ‘krabbel’, ‘lijn’, ‘teken’ , ‘snee’, ‘kerf’, ‘streek’,… maar niet die ene soortnaam die elk van die handelingen/resultaten van manuele handelingen dekt.

dat is toch niet onbelangrijk als je dan ziet dat menig discours rond die ‘trait’ net gebouwd is op het gemeenschappelijke dat het woord ‘trait’ lijkt in te richten. de ‘trait’ is dat wat schrift en tekening gemeen hebben, maar meestal komt men niet eens tot die explicitering omdat de kunstwereld haar jargon heeft en de literaire wereld vooral leeft in ontkenning van het schrift.

die ‘verneinung’ van de realiteit van het schrift (ik moet dit nog verder onderzoeken maar Jacques Derrida leek zich bv. te schamen voor de schrijfakt zelf, hij schreef schuin met de andere arm ervoor ter bescherming, een merkwaardig psychologisch gegeven voor iemand die het schrijven ook los wou van de stem) is des te flagranter geworden sinds we nauwelijks nog manueel schrijven.
het ‘schrijven’ is verworden/geëvolueerd tot een technische interactie met apparatuur: het keyboard, de smartphone, de stemherkenningssoftware.

die technologisering van het schrijven was uiteraard voor de IT-revolutie al lang bezig met de snel evoluerende druktechnieken, de (elektrische) schrijfmachines, de stencilcultuur, de fotokopie…

we zouden het grofweg zo kunnen stellen: een eerste golf van interactie met de technologie van het gedrukte woord had je in het Modernisme met visuele ingrepen in de tekst en tekstueel-typografische doorwerkingen in de schilderkunst

een tweede golf van interacties tussen het technisch van de hand vervreemde schrift en de beeldcultuur vond in de jaren ’50-’70 van vorige eeuw plaats (we onderzoeken die periode in SATORAREPOTENETOPERAROTAS het Draaiboek-programma op ViLT), waar het eigenlijke schrift een eerste keer als herontdekte brug tussen de schrift en de beeldcultuur verkent werd (Michaux, Dotremont, Twombly om maar enkele namen te noemen)

de verder technologische evolutie maakte van de weeromstuit dat het eigenlijke handschrift in onze periode, de derde golf, helemaal vrij kwam voor het experiment in niet-communicatieve (oneigenlijke) zin, wat voor een groot deel het fenomeen van het Asemische Schrift (Asemic Writing) verklaren kan. veel werk dat als Asemic Writing gepresenteerd wordt herhaalt gewoon de experimenten van de eerste of tweede golf, zonder dat men er erg in heeft en vaak ook, we moeten eerlijk zijn, helaas zonder de kwaliteit en de gedrevenheid waarmee die eerdere experimenten werden uitgevoerd: ‘t is een vrij slap afkooksel en vaak kent men de oorspronkelijke wassing niet eens

hoe dan ook, en dat is belangrijker: eigenlijk gebeurt er nu pas voor het schrift wat er ten tijde van het Modernisme gebeurde onder invloed van de fotografie met de mimetisch-communicatieve functie van de beeldende kunst. wat prompt een crisis van de schilderkunst veroorzaakte was het feit dat het schilderij niet meer hoefde te gelijken: het was de afbeelding als reden van bestaan kwijt aan de fotografie. voor een velen een bevrijding, maar niettemin: een crisis, waarvan het oeuvre van iemand als Bernard Réquichot, 50 jaar en twee wereldoorlogen na de ‘feiten’ nog steeds van getuigt.

zo ook is het schrift nu bevrijd van haar noodzaak om te ‘betekenen’. en hoe mooi is het niet dat in onze taal die beide velden van de Franse ‘trait’ in één haal chiastisch kan worden samengevat:

het schrift betekende, de tekening beschreef, maar dat doen ze geen van beiden nog.

BRONCODE van hetjournal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • teken je de geste
  • je signeert en dateert het resultaat
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma: een gesigneerde en gedateerde tekening met een titel in een vreemde taal

journal intime is een gratis NKdeE-programma

journal intime #16

jt#16 – l’ angoisse est la défense majeure la plus radicale

de titel vandaag is een citaat uit ‘L’ écriture du réel’ van Gérald Moralès , Ed. du Cerf, Paris, 2010, p63

Afbeeldingsresultaat voor Moralès Ecriture du reel

ik ben dat boek aan het lezen en ben erg hoopvol om het als uitvalsbasis te gebruiken voor een uitdieping van mijn bestaande praktijk van asemisch schrijven/lezen en die te verrijken met een integristische theorievorming, vanuit de praktijk. Moralès gebruikt Lacan in een drieluikschema Ecriture-Corps-Angoisse om wat hij zelf een ‘kliniek’ van het concept ‘Schrift van het Echte’ te genereren.

op een moment (19/03/2020) dat gans de mensheid teruggegooid wordt op z’n kwetsbare lichamelijkheid en de angst de ultieme motivator blijkt te zijn om net dat verwezenlijkt te zien wat de planeet nodig heeft om ons nog te kunnen herbergen (een tijdelijke opschorting van het niet-levensnoodzakelijke van onze activiteiten), lijkt mij dit diepteonderzoek het meest nuttige dat ik persoonlijk kan doen.

vanochtend dacht ik: deze gedwongen stilstand bij de als onvermijdelijk gedachte waanzin van ons dagelijkse dwangmatige reilen en zeilen in functie van het onverzadigbare gebrek in onze lijven en geesten, is misschien het mirakel waar we nog op durfden hopen, die ene singulariteit die onze soort nog kon redden.

maar alle mirakels hebben een verklaring nodig willen ze een gezonde basis vormen voor een vernieuwde praktijk. een verklaring ontdoet het mirakel niet van haar pracht, die blijft in het domein van het Echte gebeuren, maar de mensheid heeft haar Werkelijkheid nodig, en haar Wetenschap daarvan, de oude vertrouwde soliditeit van het Zijn en de Dingen maar dan als instrumentele onto-techniek gegrondvest in een betrouwbare en vertrouwelijke band van het Lichaam met het Echte, het Gebeuren.

Iets waarmee we kunnen werken, daarom heet het ook werkelijkheid.

zulk een band kan m.i. enkel op een a-commerciële, anti-elitaire en creatieve manier gedacht, gelegd en onderhouden worden via de belangeloze expressie, het reine Schrift van het Echte, het Gebaar dat telt. dat lijkt een onmogelijk haalbaar idealisme en dat zou het ook zijn moest je het willen verwezenlijken. je moet het niet willen maken, je moet het toelaten te gebeuren. de mogelijkheid van het onmogelijke denkbaar maken.

ik ben ervan overtuigd dat geen enkele theorie iets kan veranderen aan het lot dat wij ondergaan, maar een mens heeft begrip nodig, en middelen om het begrijpen te handhaven zodat men krachtdadig kan handelen zonder alles telkens van nul te moeten bedenken, overwegen en betwijfelen. een goede theorie is dan de beste praktijk die men kan ontwikkelen, en levend houden, één die het onderscheid tussen theorie en praktijk weet op te heffen in een werkbare dynamiek. ik zie die benodigde dynamiek duidelijk als een zichzelf vernieuwend programma, een artificieel-intelligente groei.

die groei is niet afhankelijk van individuen, maar ze wordt wel gevoed door individuen, ze gaat dwars door individuen, en dat is iets wat je kan voelen gebeuren, denk ik. of ik ben knettergek, ook dat is een mogelijkheid, het doet er weinig toe, want wat ik vooral voel is een onafwendbaarheid, een gebeuren dat haar expressie zoekt, wil en ook krijgt.

ach, in een maand dat een onooglijk virus de mondiale economie een halt toe roept, zal het soort waanzin waar ik mij mee bezig houd niet dadelijk veel gaan uitmaken en uiteindelijk komt dit, als er ooit al wat van komt, toch ook weer neer op een verdere aftakeling, een intellectuele degeneratie, een nieuwe stap in onze humane verwording, maar we kunnen niet anders, er is immers geen weg terug. er is nooit een weg terug.

mirakel of niet: het Zijn en de Dingen zoals we die tot nog toe kenden, dat is in deze laat-kapitalistische instorting van de goddelijke Orde van het Woord duidelijk geen werkbaar schema meer… dus moeten we bouwen aan een nieuw soort Werkelijkheid.

goed en wel: nu ik herlees wat ik hier vandaag bij elkaar schreef, besef ik pas hoe diep ikzelf ook geschokt ben door de gebeurtenissen, en hoe erg ik het nodig heb om in deze wilde gedachten weg te kruipen, er een duidelijkheid in te scheppen, een veilig onderkomen dat op dit ogenblik in de ons omringende bedreigende wereld nergens meer voorhanden lijkt.

en dit is nog maar het prille begin van al deze ellende. laat ons, alle regels van de omgangsafstand respecterende, toch maar elkaar heel genegen omarmend blijven koesteren.