Categorieën
PLEEBEER

Oud gedicht over schilderen

Oud gedicht over schilderen

Ben ik me toch aan het schilderen zeg!
Komt die Joker, die Heath Ledger opeens langs!
En dé Da Vinci met z’n ja duh Mona Lisa!
Harmen zit op een goed spoor!

Grimlachen in weidse verten met dik geklodderde horizonten.
In alle kleuren van de regenboog en meer, en MEER!
Historisch heel verantwoord allemaal hoor
Rembrandt kwam naast me staan en zei:

Rustig Harmen, we doen er wat nonkleuren bij.
En hij had gelijk! Die oude sul kan me nog wat leren met z’n foefjes!
Maar ik wil helemaal geen clair obscur à la jou, Rembrandt.
Ik wil stilstand in genadeloos licht, opaatje van me!

Van Gogh kwam er ook bij staan en begon me vreselijk uit te schelden:
Je moet niet naar die oude idioot luisteren, Harmen Jacob!
Jij bent mijn zoon. Jij hebt mijn stoel geschilderd.
Jij kent mij als geen ander: alle kwaststreken moeten betekenen!
Zo heb ik je dat toch geleerd?

Guston kwam ook nog even langs.
Maar toen was ik al heel moe.
Lucian Freud zat alsmaar te giechelen:
Al die Hollandse schilderstennis ook!
Jou krijg ik nog wel mannetje!
Dan ruk ik je nog uit je Engelse lurven!